Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBGEL:2026:3141

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
31 maart 2026
Publicatiedatum
21 april 2026
Zaaknummer
05/334575-25 en 05/240971-25 (gevoegd ttz) herstel
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelvonnis opheffing voorlopige hechtenis na onvoorwaardelijke gevangenisstraf

Op 31 maart 2026 heeft de rechtbank Gelderland een eindvonnis gewezen in een strafzaak tegen een verdachte geboren in 2007 in Syrië. In het oorspronkelijke vonnis was abusievelijk niet vermeld dat de voorlopige hechtenis wordt opgeheven, terwijl de opgelegde onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk is aan de duur van het voorarrest op het moment van uitspraak.

Met dit herstelvonnis wordt dit gebrek hersteld. De rechtbank bepaalt dat de voorlopige hechtenis per heden wordt opgeheven. Dit herstelvonnis laat het oorspronkelijke vonnis, voor zover niet gewijzigd, volledig in stand en vormt een onverbrekelijk geheel met het oorspronkelijke vonnis. Tevens doet dit herstelvonnis geen nieuwe termijn voor hoger beroep ingaan.

De griffier zal het herstelvonnis hechten aan het oorspronkelijke vonnis en aan partijen toezenden. Het vonnis is opgemaakt door de drie rechters, waarbij twee van hen buiten staat waren het vonnis mede te ondertekenen. De advocaat van de verdachte was mr. C.J. Tiemessen uit Amsterdam.

Uitkomst: De voorlopige hechtenis wordt per datum herstelvonnis opgeheven omdat de onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk is aan de duur van het voorarrest.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht
Zittingsplaats Zutphen
Parketnummers: 05.334575.25 en 05.240971.25 (gevoegd ttz)
Datum uitspraak : 31 maart 2026
Datum verbetering: 31 maart 2026
Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedag] 2007 in [geboorteplaats] (Syrië),
op dit moment gedetineerd in de P.I. [plaats] .
raadsvrouw: mr. C.J. Tiemessen, advocaat in Amsterdam.
1. Overwegingen
Op 31 maart 2026 heeft de rechtbank eindvonnis gewezen in de strafzaak tegen verdachte onder genoemde parketnummers. In het vonnis is abusievelijk niet vermeld dat de voorlopige hechtenis wordt opgeheven, nu de opgelegde onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk is aan de duur van het voorarrest op het moment van de uitspraak.
Met dit herstelvonnis wordt dit gebrek hersteld.

De rechtbank bepaalt dat de voorlopige hechtenis per heden wordt opgeheven.

Dit herstelvonnis laat het oorspronkelijke vonnis voor zover niet gewijzigd, volledig in stand en vormt een onverbrekelijk geheel met het oorspronkelijke vonnis en doet geen nieuwe termijn voor hoger beroep ingaan. De griffier zal dit herstelvonnis hechten aan het oorspronkelijke vonnis en aan partijen toezenden (HR 12 juni 2012, LJN: BW1478; NJ 2012/490).
Dit herstelvonnis is opgemaakt door mr. A. Tegelaar (voorzitter), mr. J.S.W. Lucassen en mr. T.M.A. Arts, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.I. Tuk, griffier.
Mr. Tegelaar en mr. Arts zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.