ECLI:NL:RBGEL:2026:3141
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Herstelvonnis opheffing voorlopige hechtenis na onvoorwaardelijke gevangenisstraf
Op 31 maart 2026 heeft de rechtbank Gelderland een eindvonnis gewezen in een strafzaak tegen een verdachte geboren in 2007 in Syrië. In het oorspronkelijke vonnis was abusievelijk niet vermeld dat de voorlopige hechtenis wordt opgeheven, terwijl de opgelegde onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk is aan de duur van het voorarrest op het moment van uitspraak.
Met dit herstelvonnis wordt dit gebrek hersteld. De rechtbank bepaalt dat de voorlopige hechtenis per heden wordt opgeheven. Dit herstelvonnis laat het oorspronkelijke vonnis, voor zover niet gewijzigd, volledig in stand en vormt een onverbrekelijk geheel met het oorspronkelijke vonnis. Tevens doet dit herstelvonnis geen nieuwe termijn voor hoger beroep ingaan.
De griffier zal het herstelvonnis hechten aan het oorspronkelijke vonnis en aan partijen toezenden. Het vonnis is opgemaakt door de drie rechters, waarbij twee van hen buiten staat waren het vonnis mede te ondertekenen. De advocaat van de verdachte was mr. C.J. Tiemessen uit Amsterdam.
Uitkomst: De voorlopige hechtenis wordt per datum herstelvonnis opgeheven omdat de onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk is aan de duur van het voorarrest.