Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
iets waarschijnlijker(2 tot 10 keer waarschijnlijker) zijn wanneer de bemonstering vaginale cellen en/of menstruele secretie bevat, dan wanneer het andere type cellen betreft. [11]
3.De bewezenverklaring
of omstreeks21 september 2025 te Arnhem ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met een persoon, te weten [aangever] ,
een of meerseksuele handelingen, die
bestonden uit ofmede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam te verrichten, terwijl hij, verdachte, wist dat bij die [aangever] daartoe de wil ontbrak, en deze poging tot opzetverkrachting te doen voorafgaan door, vergezellen van en
/ofvolgen door dwang,
geweld en/of bedreiging,
/of
en/of mondheeft gekust
, althans in haar gezicht heeft pogen te kussenen
/ofhaar in haar nek heeft gekust en
/of
/of
/ofhaar borsten heeft betast en
/of
/ofzijn hand in haar broek heeft gestoken en
/ofhaar vulva heeft betast en
/of
/ofnaar beneden heeft getrokken
, althans zich aldaar met geopende broek heeft bevondenen
/of
/of
/ofdie [aangever] hiermee heeft overrompeld en
/of
/ofnon-verbale signalen van verzet/weerstand van die [aangever] en
/of
/ofvan het feit dat zij (in verregaande mate) onder invloed was van alcohol en
/of
/ofbeangstigende situatie voor die [aangever] heeft gecreëerd dat zij zich
niet, althansonvoldoende aan voornoemde seksuele handelingen kon onttrekken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van de verdachte
8.De beoordeling van de civiele vordering
9.De vordering tot tenuitvoerlegging (parketnummers 21-004081-22 en
21-004360-22)
10.De toegepaste wettelijke bepalingen
11.De beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 26 (zesentwintig) maanden;
- bepaalt dat deze een gedeelte van deze gevangenisstraf, te weten
- stelt als algemene voorwaarde dat verdachte zich niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
dadelijk uitvoerbaarzijn;
gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregelop grond van artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht op;
gevangenisstraf voor de duur van 1 (één) maand(parketnummer 21-004081-22);
21-004360-22);
- veroordeelt verdachte tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [aangever] van € 6.500,00 aan smartengeld, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 september 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
- veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;
- legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [aangever] , een bedrag te betalen van € 6.500,00 aan smartengeld. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 september 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald.) Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 57 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
- bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd.