Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van 29 april 2026
[belanghebbende], uit [plaats], belanghebbende
de inspecteur van de belastingdienst, kantoor Arnhem, de inspecteur.
Inleiding
Belastingjaar 2020 (zaaknummer24/9229)
Rechtbank Gelderland
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) 2020, waarin zij aftrekposten opvoerde voor vrijwilligerswerk en specifieke zorgkosten. De inspecteur had de aanslag verminderd, maar niet alle door belanghebbende opgevoerde aftrekposten geaccepteerd.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake was van een bron van inkomen uit vrijwilligerswerk, omdat belanghebbende geen vergoeding ontving en geen voordeel te verwachten was. Hierdoor was aftrek van kosten gerelateerd aan vrijwilligerswerk niet toegestaan. Ook het subsidiaire beroep op aftrek als gift werd verworpen, omdat geen sprake was van een afgesproken vrijwilligersvergoeding.
Ten aanzien van de specifieke zorgkosten concludeerde de rechtbank dat belanghebbende onvoldoende bewijs had geleverd voor hogere aftrek dan reeds toegekend. Kosten voor medicijnen, vervoerskosten, kleding, genees- en heelkundige hulp en hulpmiddelen werden niet of slechts gedeeltelijk erkend. De aanslag en belastingrentebeschikking bleven derhalve in stand en het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag inkomstenbelasting 2020 wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft ongewijzigd.