ECLI:NL:RBGEL:2026:3500
Rechtbank Gelderland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toekenning forfaitaire proceskostenvergoeding aan gedetineerde verzoeker
Op 29 april 2026 heeft de rechtbank Gelderland een beslissing genomen op het verzoek van een gedetineerde verzoeker, woonachtig in Polen, die via zijn advocaat een verzoek had ingediend op grond van artikel 530 van Pro het Wetboek van Strafvordering. De verzoeker was gedetineerd in een penitentiaire inrichting en vorderde een proceskostenvergoeding.
Tijdens de mondelinge behandeling was de advocaat van de verzoeker niet aanwezig, maar de rechtbank besloot desondanks het gebruikelijke bedrag van €420 toe te kennen voor het opstellen en indienen van het verzoek. Vanwege administratieve redenen werd deze beslissing in een afzonderlijke beschikking neergelegd, los van de toegekende materiële schadevergoeding van €640 die in een andere beschikking was vastgesteld.
De rechtbank beveelt de tenuitvoerlegging van deze beslissing zodra deze onherroepelijk is, waarbij de betaling ten laste van de Rijkskas zal plaatsvinden. Tegen deze beslissing staat hoger beroep open voor de officier van justitie en de verzoeker binnen de gestelde termijnen.
Uitkomst: De rechtbank kent een forfaitaire proceskostenvergoeding van €420 toe aan de verzoeker.