Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBGEL:2026:3716

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
7 mei 2026
Publicatiedatum
8 mei 2026
Zaaknummer
05.105601.25 en 05.323924.25
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
  • T.P.E.E. van Groeningen
  • M.A. van Leeuwen
  • S.H.W. Martens
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 36f SrArt. 45 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling voor meerdere bedrijfsinbraken, diefstal fatbike en winkeldiefstal

De rechtbank Gelderland heeft verdachte veroordeeld voor vier bedrijfsinbraken en een poging daartoe, diefstal van een fatbike en een winkeldiefstal, gepleegd in de periode oktober 2024 tot september 2025. De feiten vonden plaats bij verschillende tuincentra en winkels in Gelderland, waarbij verdachte samen met medeverdachten handelde. De rechtbank achtte het wettig en overtuigend bewezen dat verdachte medepleger was bij de inbraken en diefstallen.

De rechtbank nam het reclasseringsadvies mee, waarin sprake was van een delictpatroon van vermogenscriminaliteit gekoppeld aan een forse verslavingsproblematiek en psychosociale problemen. Verdachte was dakloos en had een hoog recidiverisico. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 12 maanden op, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar, mede om herhaling te voorkomen.

Daarnaast werden schadevergoedingen toegewezen aan de benadeelde partijen Intratuin Elst, Intratuin Arnhem en Agruniek Rijnvallei (Welkoop) voor materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente. De schadevergoedingsmaatregel werd opgelegd en de betaling kan via gijzeling worden afgedwongen. Verdachte werd vrijgesproken van wat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 12 maanden gevangenisstraf, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, en betaling van schadevergoedingen aan benadeelden.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Arnhem
Parketnummers: 05.105601.25 en 05.323924.25 (gev. ttz)
Datum uitspraak : 7 mei 2026
Verstek
vonnis van de meervoudige kamer
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1994 in [geboorteplaats] (Bondsrepubliek Duitsland),
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland.
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.

1.De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd:
Onder parketnummer 05.105601.25, dat:
feit 1hij op of omstreeks 27 oktober 2024 te Elst, gemeente Overbetuwe tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om geld en/of goederen, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan Intratuin (Nieuwe Aamsestraat nr. 94), in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s) toebehoorde(n), weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, en zich de toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en/of dat/die weg te nemen goed/goederen onder zijn/haar/hun bereik te brengen door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming, heeft / hebben verdachte en/of zijn mededader(s) aldaar een hek(werk) open- en/of doorgeknipt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij op of omstreeks 27 oktober 2024 te Elst, gemeente Overbetuwe tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen opzettelijk en wederrechtelijk een hek(werk), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan Intratuin (Nieuwe Aamsestraat nr. 94), in elk geval aan een ander toebehoorde(n), heeft vernield, beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt; (2024 509157)
feit 2hij op of omstreeks 27 oktober 2024 te Arnhem tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een bistroset en/of een of meer sierbeelden en/of ornamenten en/of twee buitenstoelen en/of een (bijbehorende) tafel en/of (houten) sierverlichting en/of een of meer (rieten) manden en/of (bamboe) sierhangers en/of (houten) tuinafzetting rollen en/of een (plastic) kuip en/of een printer- / kopieermachine en/of een vuurkorf (met schoorsteen) en/of 3-4, althans een of meer dozen oppotten tafel / plantenbak, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan Intratuin (Beverweerdlaan nr. 1), in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n), heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of dat / die weg te nemen goed(eren) onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming; (registratienummer 2024 505777)
feit 3hij op of omstreeks 22 oktober 2024 te Lienden, gemeente Buren tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, 44, althans een of meer flessen butaangas en/of drie, althans een of meer kruiwagens en/of drie, althans een of meer vogelhuisjes, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan Welkoop (Adelsweg nr. 4), in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n), heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of dat / die weg te nemen goed(eren) onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming;(registratienummer 2024 496485)
feit 4hij op of omstreeks 23 oktober 2024 te Wageningen tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een of meer kruiwagens en/of een of meer planten en/of een of meer gasflessen, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan Welkoop (Rijnhaven nr. 14), in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n), heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of dat / die weg te nemen goed(eren) onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming;(registratienummer 2024 498982)
feit 5hij op of omstreeks 24 oktober 2024 te Arnhem tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, twee computers en/of een accuboormachine en/of een of meer doosjes schroeven en/of bouten en/of een of meer (tuin)sierbeelden en/of een fontein (Buddha) en/of een koffer (EHBO), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan Intratuin (Beverweerdlaan nr. 1), in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n), heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of dat / die weg te nemen goed(eren) onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming;(registratienummer 2024 500334)
Onder parketnummer 05.323924.25, dat:feit 1hij op of omstreeks 7 september 2025 te Zevenaar een fiets/fatbike, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [aangever 1] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
(bvh-nummer 2025436823)
feit 2hij op of omstreeks 7 september 2025 te Zevenaar schuurpapier en/of verf en/of een mes en/of stickers en/of koper, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan de Praxis (gelegen aan Edisonstraat 28), in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen.
(bvh-nummer 2025432603)

2.Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan alle aan hem ten laste gelegde feiten onder de parketnummers 05.105601.25 en 05.323924.25. Bij alle feiten onder parketnummer 05.105601.25 is sprake van medeplegen, aldus de officier van justitie.
Beoordeling door de rechtbank
parketnummer 05.105601.25 [1]
Er is ten aanzien van de feiten 2 en 5 sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.
feit 2
Bewijsmiddelen:
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 2], p. 38-39;
- het proces-verbaal van bevindingen, p. 49;
- het proces-verbaal van bevindingen, p. 81-82;
- het proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte], p. 134-137.
feit 5
Bewijsmiddelen:
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 2], p. 31-32;
- het proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte], p. 138-139.
feit 1
Aangever [aangever 3], bedrijfsleider bij de Intratuin in Elst, heeft verklaard dat op 27 oktober 2024 om 03:40 uur het alarmsysteem van de Intratuin werd geactiveerd. Er werd ontdekt dat er een gat in het hek was geknipt. Vermoedelijk had het alarm de inbrekers afgeschrikt. [2]
In de nacht van 27 oktober 2024 werden verdachte en medeverdachten [medeverdachte 1] (verder [medeverdachte 1]) en [medeverdachte 2] (verder: [medeverdachte 2]) aangehouden naar aanleiding van een inbraak bij de Intratuin aan de Beverweerdlaan te Arnhem (de rechtbank begrijpt: Intratuin Presikhaaf). Verdachte, [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] werden aangehouden in een busje waarin een grote hoeveelheid goederen lag. [3]
Verdachte heeft bij de politie verklaard samen met [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] deze diefstal bij de Intratuin Presikhaaf te hebben gepleegd. Verdachte heeft verklaard dat hij niet weet of hij in Elst erbij was, want hij kwam pas een beetje bij toen hij in Presikhaaf was. Verdachte had die avond GHB, 3MMC, speed en alcohol gebruikt. [4] [medeverdachte 1] heeft verklaard dat hij met verdachte en [medeverdachte 2] bij de Intratuin in Elst was voordat zij bij de Intratuin Presikhaaf waren. Ze wilden bij de Intratuin in Elst het hek wegduwen en wegknippen. Eén wilde knippen, maar toen ging gelijk het alarm af. Ze waren bij de Intratuin Elst hetzelfde van plan als dat wat ze (later) bij de Intratuin Presikhaaf hebben gedaan. [5]
De rechtbank stelt op basis van bovenstaande bewijsmiddelen vast dat verdachte samen met [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] de poging tot inbraak bij de Intratuin in Elst heeft gepleegd. Gebleken is dat verdachte op dezelfde avond als waarin de poging tot inbraak in Elst plaatsvond, met de medeverdachten werd aangehouden na de door hen gepleegde inbraak bij de Intratuin Presikhaaf. Uit de verklaring van [medeverdachte 1] blijkt dat de drie verdachten hetzelfde van plan waren in Elst als wat zij uiteindelijk diezelfde nacht bij de Intratuin Presikhaaf hebben gedaan. Net als bij Intratuin Presikhaaf knipten de verdachten bij Intratuin in Elst het hek door, maar werden zij daar verstoord door een alarm. De rechtbank overweegt dat deze handelingen onmiskenbaar zijn gericht zijn op de voltooiing van een inbraak. De rechtbank komt daarmee tot een bewezenverklaring van de onder feit 1 primair ten laste gelegde poging tot inbraak in vereniging.
feit 3 en 4
Inbraak bij de Welkoop Lienden (feit 3)
Aangever [aangever 4], bedrijfsleider bij de Welkoop in Lienden, heeft verklaard dat hij op 22 oktober 2024 zag dat de kooi waar butaangas werd opgeslagen openstond. Hij zag dat beide kanten van de kooi waren opengebroken. [aangever 4] zag twee kapotte sloten op de grond liggen. Er waren 44 flessen butaangas weggenomen.
[aangever 4] zag op de camerabeelden dat er om 02:00 uur drie personen in beeld kwamen. Hij zag op de beelden dat de drie mannen de kooi openmaakten. De mannen pakten kruiwagens die naast de kooi stonden en vulden deze met de gasflessen om vervolgens met de kruiwagens uit beeld te verdwijnen. Uiteindelijk hebben de mannen de drie kruiwagens niet meer teruggebracht en dus ook meegenomen. Op de camerabeelden was ook te zien dat de mannen drie vogelhuisjes meenamen. [6]
[medeverdachte 1] heeft verklaard dat hij met verdachte en [medeverdachte 2] was en dat zij in hetzelfde busje reden als tijdens de aanhouding (de rechtbank begrijpt: op 27 oktober 2024). Ze zagen de Welkoop en wilden er beeldjes weghalen. Ze namen er uiteindelijk gasflessen en kruiwagens weg. [7]
Inbraak bij de Welkoop Wageningen (feit 4)
Aangever [aangever 5], werkzaam bij de Welkoop in Wageningen, werd op 23 oktober 2024 omstreeks 09:15 uur door een collega gebeld dat er was ingebroken. Er waren meerdere goederen weggenomen waaronder kruiwagens, planten en gasflessen. Het buitenterrein van de Welkoop is afgesloten met stalen hekken en een schaduwdoek. [aangever 5] zag dat er twee grote openingen in het schaduwdoek waren gemaakt. Een deel van het hek bleek opengebroken te zijn. Op camerabeelden zag [aangever 5] dat er op 23 oktober 2024 omstreeks 02:00 uur drie personen over het buitenterrein liepen. De personen liepen heen en weer met goederen. [8]
[medeverdachte 1] heeft verklaard dat het klopt dat hij heeft ingebroken bij de Welkoop in Wageningen. Hij was samen met [medeverdachte 2] en verdachte, met hetzelfde busje. [9]
Overige bewijsmiddelen feit 3 en 4Op 27 oktober 2024 gingen verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] in verband met de inbraak bij de Intratuin Presikhaaf naar de woning van medeverdachte [medeverdachte 2] aan de [adres] te [plaats]. Voor het hekje voor de tuin van de woning zagen de verbalisanten links een tuinbeeld en rechts een vogelhuisje staan. Beide voorwerpen waren voorzien van een prijskaartje. De verbalisanten zagen twee bezems en een hark staan die afkomstig waren van de Welkoop. Zij zagen dit aan de letters WELKOOP op de goederen. In de tuin van medeverdachte [medeverdachte 2] zagen verbalisanten diverse vuurkorven, een tuinbeeld, een barbecue en drie trampolines staan. [10]
Er is onderzoek gedaan aan de telefoon van [medeverdachte 1]. In de veiliggestelde data van de telefoon is te zien dat [medeverdachte 1] rond de ten laste gelegde data meerdere zoekopdrachten op het internet heeft gedaan. Daarbij zijn de volgende zoekresultaten opgevallen:
- Op 24 oktober 2024 om 06.02 uur:
beelden intratuin- Op 25 oktober 2024 om 14.52 uur:
vuurkorf welkoop- Op 25 oktober 2024 om 14.53 uur:
vuurkorf intratuin- Op 25 oktober 2024 om 14.52 uur:
compost welkoop [11]
Betrokkenheid verdachte, [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2]
[medeverdachte 1] heeft in zijn verhoor bij de politie verklaard betrokken te zijn geweest bij de inbraken bij de Welkoop in Lienden en de Welkoop in Wageningen. [medeverdachte 1] heeft verklaard dat hij deze inbraken met verdachte en [medeverdachte 2] pleegde en dat zij daarbij gebruik maakten van het busje waarin zij op een later moment werden aangehouden. De rechtbank acht de verklaring van [medeverdachte 1] betrouwbaar, nu deze concreet en specifiek is. [medeverdachte 1] benoemde in zijn verklaring specifiek en op eigen initiatief dat ze bij de inbraak in Lienden gasflessen en kruiwagens hadden gestolen, goederen die daadwerkelijk bij deze inbraak zijn weggenomen. De rechtbank is van oordeel dat de verklaring van [medeverdachte 1] bovendien wordt ondersteund door de andere bewijsmiddelen. Op de camerabeelden van zowel de Welkoop in Lienden als de Welkoop in Wageningen werden steeds drie personen gezien die in het midden van de nacht heen en weer liepen met goederen. Uit onderzoek aan de telefoon van [medeverdachte 1] is daarnaast gebleken dat hij in de dagen na de inbraken in Lienden en Wageningen op het internet heeft gezocht naar goederen van de Welkoop.
De rechtbank stelt daarnaast vast dat de inbraken bij de Welkoop in Lienden en de Welkoop in Wageningen eenzelfde modus operandi hebben als de andere (poging tot) inbraken die door de drie verdachten zijn gepleegd. Kenmerkend voor de werkwijze van verdachte , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] bij deze bewezenverklaarde inbraken is dat telkens de toegang via een hekwerk werd verschaft door dit hek of sloten hiervan open te knippen en vervolgens goederen van het buitenterrein van het tuincentrum mee te nemen. De goederen werden vervolgens met het busje van [medeverdachte 2] vervoerd. Deze modus operandi komt overeen met hetgeen aangevers [aangever 4] en [aangever 5], en [medeverdachte 1] hebben verklaard over de inbraken in Lienden en Wageningen. Een soortgelijke werkwijze werd gezien bij de inbraak bij de Intratuin Presikhaaf van een paar dagen later, op 27 oktober 2024 (feit 2). Na de inbraak bij Intratuin Presikhaaf werden verdachte en de twee medeverdachten in het busje van [medeverdachte 2] aangehouden.
Dat verdachte samen met [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] bij de inbraken bij de Welkoop Lienden en de Welkoop Wageningen betrokken was, blijkt voor de rechtbank ten slotte uit het volgende. In de tuin van medeverdachte [medeverdachte 2] werden diverse goederen aangetroffen die afkomstig lijken te zijn uit tuincentra, waaronder een vogelhuisje met een aangehecht prijskaartje. De rechtbank wijst erop dat bij de inbraak in Lienden ook drie vogelhuisjes zijn weggenomen.
Gelet op het vorenstaande en op grond van de bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang bezien, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de onder feit 3 en 4 ten laste gelegde bedrijfsinbraken in vereniging.
parketnummer 05.323924.25 [12]
Er is ten aanzien van feit 1 en 2 sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.
feit 1
Bewijsmiddelen:
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 1] , p. 5-6;
- het proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 48-49.
feit 2
Bewijsmiddelen:
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 6] namens Praxis, p. 9, met bijlagen, p. 12-13;
- het proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 49.

3.De bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder parketnummers 05.105601.25 en 05.323924.25 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:
parketnummer 05.105601.25
feit 1 (primair)
hij op
of omstreeks27 oktober 2024 te Elst, gemeente Overbetuwe tezamen en in vereniging met
een of meeranderen,
althans alleen,ter uitvoering van het door verdachte en
/ofzijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om geld en/of goederen, in elk geval enig goed,
dat/die
geheel of ten deleaan Intratuin (Nieuwe Aamsestraat nr. 94),
in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s)toebehoorde
(n
), weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, en zich de toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen
en/of dat/die weg te nemen goed/goederen onder zijn/haar/hun bereik te brengendoor middel van braak
en/of verbreking en/of inklimming,
heeft /hebben verdachte en
/ofzijn mededader
(s
)aldaar een hek(werk) open- en
/ofdoorgeknipt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
feit 2
hij op
of omstreeks27 oktober 2024 te Arnhem tezamen en in vereniging met
een of meeranderen,
althans alleen,een bistroset en
/of een of meersierbeelden en
/ofornamenten en
/oftwee buitenstoelen en
/ofeen (bijbehorende) tafel en
/of(houten) sierverlichting en
/of een of meer(rieten) manden en
/of(bamboe) sierhangers en
/of(houten) tuinafzetting rollen en
/ofeen (plastic) kuip en
/ofeen printer- / kopieermachine en
/ofeen vuurkorf (met schoorsteen) en
/of3-4,
althans een of meerdozen oppotten tafel / plantenbak,
in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die
geheel of ten deleaan Intratuin (Beverweerdlaan nr. 1),
in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)toebehoorde(n), heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en
/ofzijn mededader
(s
)zich de toegang tot de plaats van het misdrijf
heeft/hebben verschaft
en/of dat / die weg te nemen goed(eren) onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebrachtdoor middel van braak
en/of verbreking en/of inklimming; (
registratienummer 2024 505777)
feit 3
hij op
of omstreeks22 oktober 2024 te Lienden, gemeente Buren tezamen en in vereniging met
een of meeranderen,
althans alleen,44,
althans een of meerflessen butaangas en
/ofdrie
, althans een of meerkruiwagens en
/ofdrie
, althans een of meervogelhuisjes,
in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die
geheel of ten deleaan Welkoop (Adelsweg nr. 4),
in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)toebehoorde
(n
), heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en
/ofzijn mededader
(s
)zich de toegang tot de plaats van het misdrijf
heeft/hebben verschaft
en/of dat / die weg te nemen goed(eren) onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak
en/of verbreking en/of inklimming;
(registratienummer 2024 496485)
feit 4
hij op
of omstreeks23 oktober 2024 te Wageningen tezamen en in vereniging met
een of meeranderen,
althans alleen, een of meer kruiwagens en/of een of meer planten en/of een of meer gasflessen, in elk geval enig(e)goed(eren),
dat/die
geheel of ten deleaan Welkoop (Rijnhaven nr. 14),
in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)toebehoorde
(n
), heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en
/ofzijn mededader
(s
)zich de toegang tot de plaats van het misdrijf
heeft/hebben verschaft
en/of dat / die weg te nemen goed(eren) onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebrachtdoor middel van braak
en/of verbreking en/of inklimming;
(registratienummer 2024 498982)
feit 5
hij op
of omstreeks24 oktober 2024 te Arnhem tezamen en in vereniging met
een of meeranderen,
althans alleen,twee computers en
/ofeen accuboormachine en
/of een of meerdoosjes schroeven en
/ofbouten en
/of een of meer(tuin)sierbeelden en
/ofeen fontein (Buddha) en
/ofeen koffer (EHBO),
in elk geval enig goed, dat/die
geheel of ten deleaan Intratuin (Beverweerdlaan nr. 1),
in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)toebehoorde
(n
), heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en
/ofzijn mededader
(s
)zich de toegang tot de plaats van het misdrijf
heeft/hebben verschaft
en/of dat / die weg te nemen goed(eren) onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebrachtdoor middel van braak
en/of verbreking en/of inklimming;
(registratienummer 2024 500334)
parketnummer 05.323924.25
feit 1
hij op
of omstreeks7 september 2025 te Zevenaar een
fiets/fatbike,
in elk geval enig goed, dat/die
geheel of ten deleaan [aangever 1] ,
in elk geval aan een andertoebehoorde
(n)heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
(bvh-nummer 2025436823)
feit 2
hij op
of omstreeks7 september 2025 te Zevenaar schuurpapier en
/ofverf en
/ofeen mes en
/ofstickers en
/ofkoper,
in elk geval enig goed, dat/die
geheel of ten deleaan de Praxis (gelegen aan Edisonstraat 28),
in elk geval aan een andertoebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
(bvh-nummer 2025432603)
Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.
Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.
Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
parketnummer 05.105601.25
feit 1 (primair):
poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak
feit 2, 3, 4 en 5, telkens:
diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak
parketnummer 05.323924.25
feit 1 en 2, telkens:
diefstal

5.De strafbaarheid van de feiten

De feiten zijn strafbaar.

6.De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7.De overwegingen ten aanzien van straf

Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 22 maanden.
De beoordeling door de rechtbank
De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.
Verdachte heeft zich in een periode van slechts een aantal dagen samen met zijn medeverdachten schuldig gemaakt aan het plegen van meerdere inbraken en een poging daartoe bij verschillende tuincentra. Daarnaast heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan diefstal van een fatbike en een winkeldiefstal. Verdachte heeft daarmee blijk gegeven geen respect te hebben voor het eigendom van anderen en de getroffen ondernemingen, hun werknemers en de eigenaar van de fatbike steeds overlast, extra werk en schade toegebracht. Dergelijke feiten veroorzaken bovendien gevoelens van onveiligheid in de samenleving en met name bij de benadeelden.
Uit het uittreksel uit het justitiële documentatieregister van 8 april 2026 van verdachte blijkt dat hij in de afgelopen jaren eerder is veroordeeld voor vermogensdelicten.
In het reclasseringsadvies d.d. 1 april 2026 van Verslavingsreclassering GGZ Iriszorg beschrijft de reclassering dat er sprake is van een delictpatroon aangaande vermogenscriminaliteit, waarbij het delictgedrag voornamelijk lijkt te dienen om financieel gewin te creëren zodat kan worden voorzien in middelengebruik. Direct delictgerelateerde factoren zijn de forse verslavingsproblematiek van verdachte, zijn gebrek aan financiële draagkracht, beïnvloedbaarheid vanuit een negatief sociaal netwerk en psychosociale problematiek waaronder impulsiviteit. Hoewel er geen directe link wordt gezien tussen het delictgedrag en de leefgebieden 'huisvesting' en 'dagbesteding' zijn er wel zorgen over de leefomstandigheden van verdachte. Verdachte is dakloos geraakt en het ontbreekt hem aan een zinvolle daginvulling. Deze leefgebieden worden door de reclassering om die reden als risicoverhogend beschouwd ten aanzien van het delictgedrag. Er worden geen beschermende factoren waargenomen. Wel noemt de reclassering het positief dat verdachte meermaals bij de reclassering heeft aangegeven hulp te willen ontvangen bij het creëren van verbetering op de leefgebieden. Echter acht de reclassering de problematiek op alle leefgebieden zo ernstig dat verdachte eerst dient te stabiliseren, bijvoorbeeld vanuit een klinische setting of vanuit detentie, voordat hij op afspraken zal verschijnen en gedragsverandering bereikt kan worden. Het risico op recidive wordt ingeschat als hoog. De reclassering adviseert een straf zonder bijzondere voorwaarden op te leggen. De rechtbank neemt dit advies over.
In de LOVS-oriëntatiepunten wordt voor één bedrijfsinbraak, waarbij er sprake is van recidive, een gevangenisstraf vermeld voor de duur van 10 weken. In dit geval gaat het om 4 inbraken en een poging daartoe. Daarbij komen dan nog de diefstal van de fatbike en de winkeldiefstal. Strafverzwarend is hier nog dat de bedrijfsinbraken steeds in groepsverband werden uitgevoerd en dat het steeds gaat om een aanzienlijke buit en/of schade. Alles overwegende acht de rechtbank een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaren passend en geboden. De voorwaardelijke straf acht de rechtbank van belang om verdachte ervan te weerhouden nieuwe strafbare feiten te plegen.
Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire Pro beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidstelling, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek Pro van Strafvordering, aan de orde is.

8.De beoordeling van de civiele vorderingen

De benadeelde partij Intratuin Elst heeft in verband met feit 1 onder parketnummer 05.105601.25 een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert
€ 2.007,88 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente.
De benadeelde partij Intratuin Arnhem heeft in verband met feit 2 en 5 onder parketnummer 05.105601.25 een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert € 10.571,00 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente.
De benadeelde partij Agruniek Rijnvallei Winkels BV (Welkoop) heeft in verband met feit 4 onder parketnummer 05.105601.25 een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert € 1.540,00 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente.
Door de benadeelde partijen is om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel en hoofdelijke toewijzing verzocht.
Standpunten
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vorderingen van de benadeelde partijen Intratuin Arnhem en Intratuin Elst kunnen worden toegewezen, met toekenning van de wettelijke rente, en vordert oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Ten aanzien van de schadepost ‘Schade hekwerk’ van de vordering van de benadeelde partij Agruniek Rijnvallei Winkels BV (Welkoop) heeft de officier van justitie gesteld dat deze post kan worden toegewezen tot een hoogte van € 408,00. De schadepost ‘diefstal’ kan volledig worden toegewezen, aldus de officier van justitie. Beide schadeposten kunnen worden toegewezen met toekenning van de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De officier van justitie heeft gesteld dat de vorderingen van de benadeelde partijen hoofdelijk dienen te worden toegewezen.
Overweging van de rechtbank
Benadeelde partij Intratuin Elst
Uit het onderzoek ter terechtzitting is voldoende gebleken dat de benadeelde partij Intratuin Elst als gevolg van het bewezen verklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank overweegt dat de schadepost ‘vervangen beukenhaag’ niet inhoudelijk is betwist. Deze schadepost is voldoende onderbouwd en komt redelijk voor.
Ten aanzien van de schadepost ‘herstelwerkzaamheden hekwerk’ is een offerte overgelegd van BTG Beveiligingsinstallaties van € 1.397,84, exclusief btw, die ziet op “Plaatsen detectiedraad in herkwerk incl levering na eerste inbraak” en op “Herstelwerkzaamheden draad na inbraak poging”. Ten aanzien van de eerst genoemde post ‘na eerste inbraak’ kan zonder nadere onderbouwing - waarvoor hier geen plaats is, nu dat een onevenredige belasting van het strafproces zou opleveren - niet worden vast gesteld dat die ziet op schade die rechtstreeks verband houdt met de onder feit 1 bewezenverklaarde inbraakpoging.
Nu het geoffreerde bedrag ziet op beide posten kan dat bedrag ook niet worden overgenomen als de herstelkosten van het hek. Voor de begroting van die post zal de rechtbank daarom gebruik maken van haar schattingsbevoegdheid en het schadebedrag vaststellen op de helft van dat geoffreerde bedrag, € 698,92 (€ 1.397,84/2). Voor deze schade is verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk. Ten aanzien van de post “Plaatsen detectiedraad in hekwerk incl levering na eerste inbraak” is de vordering gelet op het vorenstaande niet-ontvankelijk.
De rechtbank zal de vordering ook ten aanzien van de schadepost ‘spandraad’ niet-ontvankelijk verklaren, nu gelet op de datum van de offerte, ook hiervan zonder nadere onderbouwing niet kan worden vastgesteld of er een rechtstreeks verband bestaat tussen de schade en het bewezenverklaarde en nu ook hier geldt dat nadere onderbouwing en zonodig bewijslevering een onevenredige belasting van het strafproces oplevert.
De rechtbank is bij toewijzing van de schadebedragen uitgegaan van de herstelkosten ex btw, nu de benadeelde partij een rechtspersoon is die de btw kan verrekenen.
De vordering zal daarom tot een totaalbedrag van € 872,47 worden toegewezen. Voor het meerdere is de vordering niet-ontvankelijk.
Benadeelde kan dit deel van de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.
Verdachte is vanaf 27 oktober 2024 wettelijke rente over het toegewezen bedrag verschuldigd.
Benadeelde partij Intratuin Arnhem
Uit het onderzoek ter terechtzitting is voldoende gebleken dat de benadeelde partij Intratuin Arnhem als gevolg van het bewezen verklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden. De schadeposten ‘Gestolen goederen op 24 okt 24 en niet teruggevonden’(€ 4.731,00) ‘besteedde uren medewerkers’ (€ 767,00) en ‘schade hekwerk’ zijn voldoende onderbouwd zijn en komen de rechtbank redelijk voor (€ 2.104,00) . Uit de overgelegde offertes blijkt genoegzaam wat de hoogte van de geleden schade is. Uit de onderbouwing bij de vordering blijkt dat de gevorderde bedragen steeds ex btw zijn gevorderd. Voor deze schade is verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk.
De conclusie is dat de vordering tot een totaal bedrag van € 7.602,00 kan worden toegewezen.
Ten aanzien van de schadepost ‘Gestolen op 27-10-2024, beschadigde goederen’ kan zonder nadere onderbouwing, die ontbreekt, niet worden vastgesteld waaruit die schade precies bestaat. Een verdere onderbouwing, standpuntuitwisseling en, zo nodig, bewijslevering op dit punt levert een onevenredige belasting van het strafproces op. De vordering is wat betreft deze schadepost niet-ontvankelijk. Benadeelde kan dit deel van de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.
Verdachte is vanaf 27 oktober 2024 wettelijke rente over het toegewezen bedrag verschuldigd.
Benadeelde partij Agruniek Rijnvallei Winkels BV (Welkoop)
Uit het onderzoek ter terechtzitting is voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het bewezen verklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden.
De rechtbank overweegt dat uit de onderbouwing van de schadepost ‘schade hekwerk’ blijkt dat er (slechts) een bedrag van € 337,50 ex btw is betaald voor de herstelwerkzaamheden aan het hek. De rechtbank zal deze schadepost daarom tot een bedrag van € 337,50 toewijzen en voor het meerdere afwijzen. De schadepost ‘Diefstal’ (€ 1040,00) is voldoende onderbouwd en komt redelijk voor.
Voor deze schade is verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk.
De rechtbank is van oordeel dat de vordering tot een hoogte van € 1.377,50 kan worden toegewezen. Voor het meerdere zal de vordering worden afgewezen.
Verdachte is vanaf 23 oktober 2024 wettelijke rente over het toegewezen bedrag verschuldigd.
Hoofdelijke toewijzing
De rechtbank overweegt dat verdachte en zijn medeverdachte(n) ieder voor het hele schadebedrag (hoofdelijk) kunnen worden aangesproken. Verdachte hoeft niet meer te betalen indien en voor zover zijn medeverdachte(n) de schade heeft/hebben vergoed.
Oplegging schadevergoedingsmaatregel
De rechtbank ziet aanleiding om op grond van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte op te leggen. Verdachte wordt verplicht de aan de benadeelde partijen toegewezen bedragen aan de Staat te betalen. Eventueel toegekende proceskosten zijn daar niet bij inbegrepen.

9.De toegepaste wettelijke bepalingen

De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 36f, 45, 57, 63, 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht.

10.De beslissing

De rechtbank:
 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;
 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;
 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;
 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;
 veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van
12 maanden;
 bepaalt dat deze een gedeelte van deze gevangenisstraf, te weten 4 maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van drie jaren schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit;
 beveelt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
  • veroordeelt verdachte in verband met feit 1 tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij Intratuin Elst van € 872,47 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 27 oktober 2024 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
  • veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;
 verklaart de benadeelde partij Intratuin Elst voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering tot materiële schade;
  • veroordeelt verdachte in verband met feit 2 en 5 tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij Intratuin Arnhem van € 7.602,00 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 27 oktober 2024 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
  • veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;
 verklaart de benadeelde partij Intratuin Arnhem voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering tot materiële schade;
  • veroordeelt verdachte in verband met feit 4 tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij Agruniek Rijnvallei Winkels BV (Welkoop) van € 1.377,50 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 23 oktober 2024 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
  • veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;
 wijst de vordering van Agruniek Rijnvallei Winkels BV (Welkoop) voor het meerdere af;
 legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat ten behoeve van de volgende benadeelde partijen de hier na te noemen bedragen aan materiële schade te betalen. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf genoemde datum tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als het bedrag niet wordt betaald, kan gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
Benadeelde partij Bedrag Datum wettelijke rente Gijzeling
1. Intratuin Elst € 872,47 27 oktober 2024 8 dagen;

2. Intratuin Arnhem € 7.602,00 27 oktober 2024 76 dagen

3. Agruniek Rijnvallei € 1.377,50 23 oktober 2024 13 dagen

 bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partijen in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;
 bepaalt dat als de medeverdachte(n) (een deel van) het schadebedrag betaalt/betalen dat bedrag op de betalingsverplichting van verdachte in mindering wordt gebracht.
Dit vonnis is gewezen door mr. T.P.E.E. van Groeningen (voorzitter), mr. M.A. van Leeuwen en mr. S.H.W. Martens, rechters, in tegenwoordigheid van mr. V. Buscop, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 7 mei 2026.

Voetnoten

1.Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant 3] van de politie Oost-Nederland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2024506617, gesloten op 18 februari 2025 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.
2.Proces-verbaal van aangifte [aangever 3], namens Intratuin Elst, p. 96.
3.Proces-verbaal van bevindingen, p. 47.
4.Proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte], p. 134-135 en 139.
5.Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 1], p. 116-117.
6.Proces-verbaal van aangifte [aangever 4] namens Welkoop Lienden, p. 26-27.
7.Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 1], p. 119-120.
8.Proces-verbaal van aangifte [aangever 5] namens Welkoop Wageningen, p. 29-30.
9.Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 1], p. 120.
10.Proces-verbaal van bevindingen, p. 55.
11.Proces-verbaal van bevindingen, p. 88.
12.Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant 4] van de politie Oost-Nederland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2025475852, gesloten op 29 november 2025 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.