Uitspraak
1.[eiser sub 1] ,
2.
[eiser sub 2],
Rechtbank Gelderland
Twee werknemers van Albert Heijn, werkzaam als magazijnmedewerkers, hebben verzocht hun arbeidsomvang uit te breiden van respectievelijk 24 en 32 uur per week naar 40 uur per week. Albert Heijn wees dit verzoek af, stellende dat er geen evenredige arbeidsprestatie tegenover stond en dat er sprake was van een zwaarwegend bedrijfsbelang vanwege gebrek aan formatieruimte.
De kantonrechter oordeelt dat het verzoek niet als misbruik van recht kan worden aangemerkt, omdat de werknemers daadwerkelijk meer uren moeten werken en het financiële voordeel niet overheerst. De RSD-regeling leidt weliswaar tot extra verlofuren, maar deze worden deels gecompenseerd door het vervallen van andere verlofregelingen, waardoor per saldo een substantiële toename van arbeidsprestatie resteert.
Albert Heijn heeft onvoldoende onderbouwd dat er sprake is van zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen die het verzoek tot uitbreiding van de arbeidsduur rechtvaardigen. De kantonrechter wijst het verzoek toe en veroordeelt Albert Heijn tot betaling van achterstallig loon, pensioenopbouw, wettelijke rente, een wettelijke verhoging en buitengerechtelijke incassokosten. Tevens wordt Albert Heijn veroordeeld om de werknemers toe te laten tot de overeengekomen werkzaamheden voor 160 uur per vier weken, onder oplegging van een dwangsom.
Uitkomst: Het verzoek tot uitbreiding van de arbeidsduur naar 40 uur per week wordt toegewezen en Albert Heijn wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig loon, pensioenopbouw, incassokosten en proceskosten.