ECLI:NL:RBGEL:2026:4387
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering schadevergoeding wegens onvoldoende bewijs aansprakelijkheid minderjarige
In deze civiele procedure vordert eiser schadevergoeding wegens schade op zijn terrein, waarvan hij vermoedt dat deze is veroorzaakt door de minderjarige zoon van gedaagde. De procedure omvatte meerdere getuigenverhoren en schriftelijke stukken, waaronder verklaringen van betrokkenen en getuigen.
De rechtbank stelt vast dat er op de avond van het incident twee afzonderlijke gebeurtenissen waren waarbij personen het terrein van eiser betraden. De minderjarige was aanwezig op het feest, maar getuigen verklaren dat hij niet bij de schade veroorzakende handelingen betrokken was. Hoewel eiser aanwijzingen aandraagt, zoals een verklaring van een vennoot en berichten van ouders van de minderjarige, zijn deze onvoldoende onderbouwd en deels tegenstrijdig.
De kantonrechter concludeert dat gedaagde erin is geslaagd te bewijzen dat de schade niet het gevolg is van een gebeurtenis waarvoor de minderjarige aansprakelijk is. Hierdoor wordt de vordering van eiser afgewezen. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak bevestigt het belang van gedegen bewijs voor aansprakelijkheid in schadezaken.
Uitkomst: De vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van aansprakelijkheid van de minderjarige.