Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
2.Overwegingen ten aanzien van het bewijs
- het betasten van de schaamstreek van die [minderjarige] en
- het brengen van zijn, verdachtes, penis in de vagina en tussen de schaamlippen van die [minderjarige] .
2 uur geleden - [naam] (ballon emoji):
En 1x goede c
53 minuten geleden - [naam] (ballon emoji):
3.De bewezenverklaring
of omstreeks19 mei 2024 te Apeldoorn
, althans in Nederland,met [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2008, die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt,
een of meerontuchtige handelingen heeft gepleegd, die
bestonden uit ofmede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [minderjarige] , te weten
/of
/oftussen de schaamlippen van die [minderjarige]
en waarbij dat feit is voorafgegaan en/of vergezeld van geweld, te weten
of omstreeks19 mei 2024 te Apeldoorn
, althans in Nederland,een geldbedrag, te weten 4544,68 euro,
heeft verworven en/ofvoorhanden heeft gehad terwijl hij, verdachte, wist dat dat voorwerp onmiddellijk afkomstig was uit enig eigen misdrijf;
of omstreeks20 januari 2024 te Arnhem ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen
, althans met een hard voorwerp,in/op/tegen het gezicht/hoofd heeft geslagen en/of gestompt (waarbij die [slachtoffer] op de grond is gevallen) en
/ofdie [slachtoffer] in/op/tegen het gezicht heeft getrapt en/of geschopt (terwijl deze [slachtoffer] op de grond lag),
of omstreeks30 oktober 2023 te Apeldoorn aanwezig heeft gehad 2000 gram
, althans een hoeveelheid,distikstofmonoxide (lachgas), een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;
of omstreeks30 oktober 2023 te Apeldoorn, een wapen te weten een vlindermes, van categorie I onder 1°, voorhanden heeft gehad en
/ofheeft gedragen.
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de feiten
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
8.De beoordeling van de civiele vorderingen
9.De beoordeling van het beslag
- € 1.699,68 (G3216859);
- € 2.845,- (G3215988).
10.De toegepaste wettelijke bepalingen
11.De beslissing
een gevangenisstraf voor de duur van 20 (twintig) maanden;
een gedeelte van deze gevangenisstraf, te weten 8 (acht) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van de
proeftijd van drie jarenschuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit;
- veroordeelt verdachte in verband met het ten laste gelegde feit onder parketnummer 05.301163.24 tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [minderjarige] van € 12.500,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 mei 2024 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
- veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;
- legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [minderjarige] , een bedrag te betalen van € 12.500,- aan immateriële schade. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 mei 2024 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 87 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
- bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;
- veroordeelt verdachte in verband met het ten laste gelegde feit onder parketnummer 05.021783.24 tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [slachtoffer] van € 400,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 20 januari 2024 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
- veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;
- legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [slachtoffer] , een bedrag te betalen van € 400,- aan immateriële schade. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 20 januari 2024 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 4 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
- bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;
- € 1.699,68 (G3216859);
- € 2.845,- (G3215988).