ECLI:NL:RBGEL:2026:4780
Rechtbank Gelderland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot intrekking last onder bestuursdwang sloop bedrijfswoning
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen een last onder bestuursdwang die is opgelegd aan haar zoon voor de sloop van een bedrijfswoning. De last is onherroepelijk geworden nadat geen rechtsmiddelen tegen het besluit zijn ingesteld. Verzoekster vroeg intrekking van deze last, maar het college wees dit af. De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoekster geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die het terugkomen op het onherroepelijke besluit rechtvaardigen.
De voorzieningenrechter benadrukt dat de aangevoerde gronden, zoals het niet bekendmaken van de last aan verzoekster en het gebruiksrecht van de woning, eerder naar voren hadden moeten worden gebracht. Er zijn geen bijzondere omstandigheden die een intrekking rechtvaardigen. Daarom is het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de afwijzing van het intrekkingsverzoek kennelijk ongegrond.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek af zonder zitting en zonder proceskostenveroordeling. De uitspraak is definitief en hoger beroep of verzet is niet mogelijk. Dit besluit is een analoge toepassing van artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het verzoek tot intrekking van de last onder bestuursdwang wordt afgewezen wegens gebrek aan nieuwe feiten of omstandigheden.