Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBGEL:2026:4891

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
22 juni 2026
Publicatiedatum
19 juni 2026
Zaaknummer
ARN 24/9254
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:19 AwbArt. 8:41 AwbArt. 8:54 AwbArt. 8:75a AwbBesluit proceskosten bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens natuurvergunning herstelbesluit

Verzoekers, Coöperatie Mobilisation for the Environment U.A. en Vereniging Leefmilieu, hadden beroep ingesteld tegen een besluit van het college van Gedeputeerde Staten van Gelderland waarin een natuurvergunning positief werd geweigerd aan een derde partij. Dit beroep werd ingetrokken nadat het college op 15 april 2026 een herstelbesluit nam waarin alsnog de natuurvergunning werd verleend voor vermindering van de veebezetting.

De rechtbank beoordeelde het verzoek van verzoekers om het college te veroordelen in de proceskosten. De rechtbank stelde vast dat het college geheel aan verzoekers was tegemoetgekomen door het herstelbesluit. Op grond daarvan wees de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding toe.

De vergoeding werd berekend volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht, waarbij voor de rechtsbijstand door een gemachtigde een vast bedrag per proceshandeling werd toegekend. Verzoekers ontvingen een vergoeding van €1.868,- voor twee proceshandelingen en daarnaast werd het college verplicht het griffierecht van €371,- te vergoeden.

De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Gelderland op 22 juni 2026 zonder zitting. Partijen werden geïnformeerd over de mogelijkheid tot verzet binnen zes weken na verzending van de uitspraak.

Uitkomst: De rechtbank veroordeelt het college tot betaling van proceskosten van €1.868,- aan verzoekers na intrekking van het beroep wegens een herstelbesluit.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND
Bestuursrecht
zaaknummer: ARN 24/9254

uitspraak van de meervoudige kamer van

in de zaak tussen

Coöperatie Mobilisation for the EnvironmentU.A. en

Vereniging Leefmilieu, uit Nijmegen
verzoekers
(gemachtigde: [gemachtigde] )
en

het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland, het college

(gemachtigde: mr. C.F. Geerdes).
De derde-partij,
[derde-partij]uit [plaats] , heeft niet gereageerd op het verzoek om deel te nemen aan deze zaak.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het verzoek van verzoekers om een veroordeling van het college in de proceskosten. Verzoekers hebben dit verzoek gedaan bij de intrekking van hun beroep tegen het besluit van het college van 7 november 2024. Zij hebben het beroep ingetrokken omdat het college op 15 april 2026 dit besluit heeft vervangen door een herstelbesluit. [1]
1.1.
De rechtbank heeft het college in de gelegenheid gesteld te reageren op het verzoek om veroordeling in de proceskosten. Het college heeft de rechtbank meegedeeld dat
“hij geen bedenkingen heeft bij de opgegeven 2 punten (forfait rechtsbijstand).”
1.2.
De rechtbank doet zonder zitting uitspraak op het verzoek om proceskostenveroordeling. [2]

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank wijst het verzoek om proceskostenveroordeling toe. Zij legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel komt.
Wanneer wordt een bestuursorgaan in de proceskosten veroordeeld?
3. Als een beroep wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, kan de bestuursrechter op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten. [3]
Is het college aan verzoekers tegemoetgekomen?
4. De rechtbank moet dus beoordelen of het college geheel of gedeeltelijk aan verzoekers is tegemoetgekomen.
4.1.
Op 23 december 2024 hebben verzoekers beroep ingesteld tegen het bestreden besluit waarin het college een natuurvergunning aan de derde-partij positief heeft geweigerd. Het college heeft op 15 april 2026 een herstelbesluit genomen, waarin de natuurvergunning alsnog is verleend voor vermindering van de veebezetting. Hiermee is het college tegemoetgekomen aan het beroep van verzoekers.
Welk bedrag aan proceskosten moet het college aan verzoekers vergoeden?
5. De rechtbank wijst het verzoek als kennelijk gegrond toe. Verzoekers krijgen een vergoeding van hun proceskosten. Het college moet deze vergoeding betalen. De vergoeding is met toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht als volgt berekend. Voor de rechtsbijstand door een gemachtigde krijgen verzoekers een vast bedrag per proceshandeling. De gemachtigde heeft een beroepschrift ingediend en aan de zitting van de rechtbank deelgenomen. In beroep heeft elke proceshandeling een waarde van € 934,-. De vergoeding bedraagt dan in totaal € 1.868,-.
Krijgen verzoekers een vergoeding van het griffierecht?
6. De rechtbank wijst erop dat het college verplicht is het door verzoekers betaalde griffierecht van € 371,- te vergoeden. [4] Verzoekers moeten zich hiervoor dan ook tot het college wenden.

Beslissing

De rechtbank veroordeelt het college tot betaling van € 1.868,- aan proceskosten aan verzoekers.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. van Harten, voorzitter, mr. J.M. Emaus en mr. S.E.M. Lichtenberg, leden, in aanwezigheid van mr. K.M. van Leeuwen, griffier.
uitgesproken in het openbaar op
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Als bedoeld in artikel 6:19 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2.Met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, in samenhang met artikel 8:75a, van de Awb.
3.Dit volgt uit artikel 8:75a van de Awb en is nader uitgewerkt in het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb).
4.Dit volgt uit artikel 8:41, zevende lid, van de Awb.