ECLI:NL:RBGEL:2026:4957
Rechtbank Gelderland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond tegen afwijzing schadevergoeding privéauto politieambtenaar
Eiser, een aspirant-politieambtenaar, reed op 5 september 2024 met zijn privéauto achteruit van het parkeerterrein bij het hoofdbureau van de politie in Nijmegen en veroorzaakte schade aan zijn voertuig. Hij diende een aanvraag in voor vergoeding van deze schade op grond van artikel 69 van Pro het Besluit algemene rechtspositie politieambtenaren (Barp). De korpschef wees deze aanvraag af, waarna eiser bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank Gelderland.
De rechtbank oordeelt dat de schade is ontstaan tijdens de uitoefening van de dienst en dat er geen sprake is van opzettelijk onrechtmatig handelen, bewust roekeloosheid of grove nalatigheid van eiser. Volgens artikel 2 van Pro de Regeling vergoeding schade persoonlijk eigendom, dat een nadere uitwerking geeft van artikel 69 Barp Pro, komt de schadevergoeding toe tenzij sprake is van dergelijke gedragingen. De rechtbank volgt deze uitleg en stelt vast dat de korpschef de aanvraag ten onrechte heeft afgewezen.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire besluit. Zij bepaalt dat de korpschef de schade van € 2.662 aan de privéauto van eiser moet vergoeden, vermeerderd met wettelijke rente. Tevens moet de korpschef het griffierecht en proceskosten van in totaal € 3.162 aan eiser vergoeden. De uitspraak is gedaan op 16 juni 2026 en partijen zijn gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit van de korpschef en veroordeelt tot vergoeding van de schade aan de privéauto en proceskosten.