ECLI:NL:RBGEL:2026:5233
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaren tegen aanslagen inkomstenbelasting 2015-2017 niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende diende bezwaren in tegen de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) voor de jaren 2015, 2016 en 2017. De inspecteur had deze bezwaren niet-ontvankelijk verklaard omdat ze buiten de wettelijke bezwaartermijn waren ingediend en er geen sprake was van een verschoonbare termijnoverschrijding.
De rechtbank bevestigde dat de bezwaartermijn zes weken bedraagt en dat deze voor de aanslagen respectievelijk op 22 december 2017, 20 april 2018 en 4 maart 2019 was verstreken. Belanghebbende had pas op 10 juni 2025 bezwaar gemaakt, ruim na het verstrijken van deze termijnen.
Belanghebbende voerde aan dat bepalingen uit het echtscheidingsconvenant ertoe leidden dat de aanslagen ten onrechte aan haar waren opgelegd. De rechtbank oordeelde dat dit geen omstandigheid was die de termijnoverschrijding verschoonbaar maakte, mede omdat het convenant pas in 2020 was ondertekend, lang na het verstrijken van de bezwaartermijnen.
De rechtbank zag daarom geen aanleiding tot inhoudelijke behandeling van de bezwaren en verklaarde de beroepen ongegrond. Belanghebbende krijgt het griffierecht niet terug en ontvangt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de bezwaren niet-ontvankelijk wegens te late indiening zonder verschoonbare termijnoverschrijding en wijst de beroepen af.