Uitspraak
1.[naam gedaagde 1] ,
2.
[naam gedaagde 2],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek
- de conclusie van dupliek.
Rechtbank Gelderland
De gedaagden verkregen in 2019 gezamenlijk eigendom van een recreatiewoning op het chaletpark De Scheepsbel. De Scheepsbel vordert betaling van jaarlijkse parkkosten, vastrecht elektra en verbruik van gas, elektra en water, gebaseerd op de leveringsakte en algemene voorwaarden uit 2002.
De gedaagden betwisten de hoogte van de parkkosten en stellen dat het bedrag van € 625,00 uit 2019 geldt zonder verdere indexatie. De kantonrechter oordeelt dat de algemene voorwaarden uit 2002 van toepassing zijn, waardoor het bedrag van € 625,00 vanaf 2002 geïndexeerd mag worden. De gevorderde parkkosten worden daarom grotendeels toegewezen.
De vorderingen voor vastrecht elektra en nutsverbruik worden afgewezen wegens gebrek aan contractuele grondslag en onvoldoende onderbouwing. Het beroep op verrekening door de gedaagden wordt gepasseerd omdat de tegenvordering niet voldoende is aangetoond.
De gedaagden zijn in verzuim en moeten wettelijke rente betalen over het toegewezen bedrag vanaf de vervaldatum van de facturen. De buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen tot het wettelijke maximum. De gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van het totaalbedrag en de proceskosten, uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van geïndexeerde parkkosten, wettelijke rente en proceskosten, terwijl vorderingen voor vastrecht en nutsverbruik worden afgewezen.