ECLI:NL:RBGEL:2026:5881
Rechtbank Gelderland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Herroeping voorwaardelijke invrijheidstelling wegens terugval in drugsgebruik en noodzaak klinische opname
Veroordeelde is bij vonnis van 28 juli 2022 veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes jaren, welke door het gerechtshof is teruggebracht tot vijf jaren. Na een eerdere voorwaardelijke invrijheidstelling op 25 juni 2025, is deze op 28 mei 2026 herroepen voor een periode van 180 dagen vanwege terugval in drugsgebruik.
De advocaat van veroordeelde maakte bezwaar tegen deze herroeping en stelde dat de periode van uitstel drastisch verkort zou moeten worden, omdat opname in een behandelkliniek binnen zes weken mogelijk zou zijn. De officier van justitie stelde dat het bezwaar ongegrond moest worden verklaard, omdat alleen een klinische opname veroordeelde een kans biedt om van zijn verslaving af te komen.
De rechtbank oordeelt dat het mislukken van het resocialiseringstraject aan veroordeelde te wijten is en dat het openbaar ministerie in redelijkheid tot de herroeping heeft kunnen besluiten. De rechtbank gaat ervan uit dat zodra een plek in een kliniek beschikbaar is, een nieuw besluit tot voorwaardelijke invrijheidstelling zal worden genomen, ook als de herroepingstermijn nog niet is verstreken.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling wordt ongegrond verklaard vanwege terugval in drugsgebruik en noodzaak klinische opname.