Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
. [2]
Social Safety Pointvan de universiteit was gegaan vanwege een massage door verdachte. Bij haar was het in december 2022 gebeurd. Aangeefster heeft dit meisje nooit gesproken. [4]
3.De bewezenverklaring
of omstreeks6 mei 2023 te Wageningen door
geweld ofeen
anderefeitelijkheid
en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid[slachtoffer 1] heeft gedwongen tot het
plegen en/ofdulden van een
of meerontuchtige handeling
en, te weten het betasten/masseren van de borsten van die [slachtoffer 1] , waarbij
dat geweld en/ofdie
anderefeitelijkheid
en/of die bedreiging met geweld en/of met die andere feitelijkheider in heeft
/hebbenbestaan dat verdachte
enheeft verricht terwijl die [slachtoffer 1] (als cliënt van hem, verdachte) een massagebehandeling door hem, verdachte, onderging en
/of(bijna) naakt op de massagetafel lag en
/of
/of(daardoor) zich in een kwetsbare positie ten opzichte van hem, verdachte, bevond en
/of(daardoor) in haar bewegingsvrijheid werd beperkt en
/of
/ofdie [slachtoffer 1] hiermee heeft overrompeld en
/of
/ofafhankelijke toestand heeft gebracht dat die [slachtoffer 1] zich niet
, althans onvoldoendeaan voornoemde ontuchtige handelingen
kon en/ofdurfde te onttrekken;
of omstreeks31 december 2022 te Wageningen door
geweld ofeen
anderefeitelijkheid
en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid[slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het
plegen en/ofdulden van
een of meerontuchtige handelingen, te weten
/ofde vulva van die [slachtoffer 2] en
/of
(stijve
)penis tegen de arm,
althans het lichaamvan die [slachtoffer 2] , waarbij
dat geweld en/ofdie
anderefeitelijkheid
en/of die bedreiging met geweld en/of met die andere feitelijkheider in heeft
/hebbenbestaan dat verdachte
/of(bijna) naakt op de massagetafel lag en
/of
/of(daardoor) zich in een kwetsbare positie ten opzichte van hem, verdachte, bevond en
/of(daardoor) in haar bewegingsvrijheid werd beperkt en
/of
/ofdie [slachtoffer 2] hiermee heeft overrompeld en
/of
/ofafhankelijke toestand heeft gebracht dat die [slachtoffer 2] zich niet,
althans onvoldoendeaan voornoemde ontuchtige handelingen
kon en/ofdurfde te onttrekken.
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de feiten
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
8.De beoordeling van de civiele vorderingen
9.De toegepaste wettelijke bepalingen
10.De beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 120 dagen;
119 dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van drie jaren schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit;
taakstraf van 240 uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 120 dagen;
beroep van masseur voor de duur van 3 jaren.
- veroordeelt verdachte in verband met het feit 1 onder nummer 05/233027-25 tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [slachtoffer 1] van € 385,00 aan materiële schade en € 2.500,00 aan smartengeld, vermeerderd met de wettelijke rente over het bedrag van € 385,00 vanaf 30 maart 2024 en het bedrag van € 2.500,00 vanaf 6 mei 2023 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
- veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;
- legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [slachtoffer 1] , een bedrag te betalen van € 2.885,00 aan materiële schade/smartengeld. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente over het bedrag van € 385,00 vanaf 30 maart 2024 en het bedrag van € 2.500,00 vanaf 6 mei 2023 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 28 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
- bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;
- veroordeelt verdachte in verband met het feit 2 onder nummer 05/233027-25 tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [slachtoffer 2] van € 49,12 aan materiële schade en € 3.000,00 aan smartengeld, vermeerderd met de wettelijke rente over een bedrag van € 49,12 vanaf 26 februari 2026 en een bedrag van € 3.000,00 vanaf 31 december 2022 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
- veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;
- legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [slachtoffer 2] een bedrag te betalen van € 3.049,12 aan materiële schade/smartengeld. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente over een bedrag van € 49,12 vanaf 26 februari 2026 en een bedrag van € 3.000,00 vanaf 31 december 2022 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 30 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
- bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd.