Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
in een woning, gelegen op/aan [adres 2] ,
opzettelijk
brand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen met een salontafel,
althans met een brandbaar voorwerp,
terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen, te weten voor één of meer de(e)l(en)
van het interieur van voornoemde woning en/of één of meer naastgelegen
woning(en),
en/of
levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor (een) ander(en), te
weten voor één meer (mede)bewoner(s) van één of meer naastgelegen woning(en)
te duchten was;
opzettelijk en wederrechtelijk een woning, gelegen op/aan [adres 2] ,
in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan [bedrijf] , in elk
geval aan een ander toebehoorde(n) heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar
gemaakt.
2.De bewezenverklaring
of omstreeks26 oktober 2024 te Zutphen
in een woning, gelegen
op/aan [adres 2] ,
opzettelijk
brand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen met een salontafel,
althans met een brandbaar voorwerp,terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen, te weten
voor één of meerde
(e)l
(en
)van het interieur van voornoemde woning
en/of één of meer naastgelegenwoning(en),en/oflevensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor (een) ander(en), teweten voor één meer (mede)bewoner(s) van één of meer naastgelegen woning(en)te duchten was;
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van de verdachte
stoornis of andere psychotische stoornis en een stoornis in cannabisgebruik (momenteel in
remissie, ten tijde van het ten laste gelegde aanwezig). Hij wordt verdacht van brandstichting
in zijn eigen woning. Betrokkene bekent de ten laste gelegde feiten. De psychi(atri)sche problematiek was aanwezig tijdens de ten laste gelegde feiten, zodat gesproken kan worden
van een gelijktijdigheidsverband. Betrokkene was ten tijde van het ten laste gelegde psychotisch. Onderzoeker heeft in onderhavig onderzoek onvoldoende duidelijk kunnen krijgen in hoeverre zijn psychiatrische problematiek, met name de mate van psychotische belevingen,
en zijn stoornis in cannabisgebruik (in hoeverre was hij in welke mate onder invloed) ten tijde
van het ten laste gelegde heeft doorgewerkt in het ten laste gelegde om met zekerheid te
kunnen zeggen of het ten laste gelegde volledig niet toe te rekenen is aan betrokkene of dat
het ten laste gelegde (sterk) verminderd toe te rekenen is aan betrokkene. Desondanks neigt
onderzoeker naar het niet toerekenen van het ten laste gelegde aan betrokkene, daar de combinatie van een matig verstandelijke beperking en het psychotisch toestandsbeeld dusdanig was dat betrokkene onvoldoende grip had op zijn denken en handelen om te kunnen
overzien dat wat hij deed gevaarlijk was. Tevens komt uit het voorgeleidingsconsult naar voren dat betrokkene drie dagen na het ten laste gelegde nog floride psychotisch was".