ECLI:NL:RBGRO:2002:AD9401
Rechtbank Groningen
- Kort geding
- W. Duitemeijer
- Rechtspraak.nl
Voortgezet gebruik bedrijfsruimte ondanks geschil over vloerherstel en huurovereenkomst
Eiser, een onderneming gevestigd te Groningen, huurde al meer dan 15 jaar een opslagruimte aan de [adres] te Groningen voor drankopslag. Na schade aan de vloer in augustus 2001 werd het pand in overleg ontruimd en vervangende opslagruimte aangeboden door gedaagde, die het pand had gekocht.
Eiser stelde dat zij recht had op voortgezet gebruik van de bedrijfsruimte, ondanks het geschil over de huurovereenkomst en de vloerherstelkosten. Gedaagde betwistte dit en vorderde ontruiming. De voorzieningenrechter oordeelde dat eiser op grond van de Huurwet recht heeft op voortgezet gebruik gedurende minimaal twee maanden na het einde van de huur, en dat gedaagde zorg moet dragen voor een voldoende dragende vloer.
De voorzieningenrechter wees de vordering tot betaling van een voorschot op schadevergoeding af, maar gebiedde gedaagde binnen vier weken na betekening van het vonnis de bedrijfsruimte met een deugdelijke vloer ongestoord ter beschikking te stellen aan eiser. Tevens werd een dwangsom van €230 per dag opgelegd, gemaximeerd op €4.600. De kosten werden verdeeld waarbij gedaagde in conventie werd veroordeeld en in reconventie de proceskosten werden gecompenseerd.
De voorzieningenrechter liet de beoordeling van de vraag wie aansprakelijk is voor de herstelkosten en eventuele schade door het gebruik van vervangende opslagruimte over aan een aparte procedure, omdat een kort geding zich daarvoor niet leent. Het vonnis werd uitgesproken op 31 januari 2002 door mr. W. Duitemeijer.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld om binnen vier weken een deugdelijke vloer te realiseren en de bedrijfsruimte ongestoord ter beschikking te stellen aan eiser, met een maximale dwangsom van €4.600.