ECLI:NL:RBGRO:2002:AF0026
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Levenslange gevangenisstraf voor moord op drie vrouwen met voorbedachten rade
De rechtbank Groningen heeft verdachte veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf wegens moord op drie vrouwen, gepleegd met voorbedachten rade. De feiten betreffen het doden van slachtoffers in de periode 1993 tot 2001, waarbij de lichamen in water zijn gedeponeerd. De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte kalm beraad heeft gehad en zich rekenschap gaf van zijn daden.
Psychiatrisch onderzoek toonde aan dat verdachte leed aan een ziekelijke stoornis en een persoonlijkheidsstoornis (psychopathie), waardoor hij verminderd toerekeningsvatbaar was. Desondanks vond de rechtbank dat de feiten volledig strafrechtelijk aan verdachte konden worden toegerekend en dat geen strafvermindering op zijn plaats was. De rechtbank wees ook de maatregel van TBS af vanwege de onbehandelbaarheid van verdachte en de opgelegde maximale straf.
De rechtbank hield rekening met de maatschappelijke onrust die de feiten veroorzaakten, vooral onder prostituees, en met het feit dat verdachte eerder soortgelijke delicten had gepleegd en daarvoor TBR had gekregen. Verdachte had geweigerd mee te werken aan uitgebreid psychiatrisch onderzoek, waardoor de motieven onduidelijk bleven. De rechtbank achtte het recidiverisico zeer hoog en vond de levenslange gevangenisstraf passend in het licht van vergelding en preventie.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf voor moord met voorbedachten rade op drie vrouwen.