ECLI:NL:RBGRO:2003:AI0677
Rechtbank Groningen
- Kort geding
- D.A. Flinterman
- Rechtspraak.nl
Betaling voorschot en nakoming overeenkomst kosten levensonderhoud en studie kinderen na echtscheiding
In deze kortgedingprocedure vordert eiser betaling van een bedrag van €7.957,95 van gedaagde, voortvloeiend uit een in 1992 gesloten overeenkomst over de kosten van levensonderhoud en studie van hun kinderen. Gedaagde vordert in reconventie nakoming van deze overeenkomst door eiser.
De voorzieningenrechter stelt vast dat partijen voormalige echtelieden zijn en dat de kinderen inmiddels jong-meerderjarig of meerderjarig zijn. De overeenkomst uit 1992 bepaalt dat eiser een vaste jaarlijkse bijdrage per kind betaalt, ook na de 21e verjaardag zolang de studie voortduurt. Eiser is gedeeltelijk in gebreke gebleven, waardoor een betalingsachterstand is ontstaan.
De Hoge Raad heeft eerder het vonnis van de rechtbank vernietigd en gedaagde niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering. De voorzieningenrechter oordeelt dat eiser een opeisbare vordering op gedaagde heeft wegens onverschuldigde betaling en veroordeelt gedaagde tot betaling van een voorschot van €6.668,65. De vorderingen in reconventie worden afgewezen en de proceskosten worden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van een voorschot van €6.668,65 aan eiser en reconventionele vorderingen worden afgewezen.