ECLI:NL:RBGRO:2005:AU6857
Rechtbank Groningen
- Kort geding
- W.J.A.M. Dijkers
- Rechtspraak.nl
Toekenning voorschot op materiële en immateriële schadevergoeding na seksueel misbruik
Eiseressen zijn gedurende hun jeugd meerdere jaren seksueel misbruikt door een huisvriend, de gedaagde. Zij vorderen een voorschot op schadevergoeding wegens immateriële en materiële schade, waaronder psychische klachten, behandelingskosten, reiskosten, en verlies aan verdiencapaciteit door het doubleren van een schooljaar.
De voorzieningenrechter acht het aannemelijk dat het misbruik ernstige gevolgen heeft gehad en dat eiseressen spoedeisend belang hebben bij een voorschot, omdat zij niet beschikken over voldoende financiële middelen voor behandeling. De rechtbank wijst een voorschot toe van € 8.000 per eiseres voor immateriële schade en € 6.103,96 voor materiële schade, inclusief kosten voor psychologische en alternatieve therapie, reiskosten en verlies aan verdiencapaciteit.
De vordering tot vergoeding van advocaatkosten wordt afgewezen omdat deze onder proceskosten vallen. De rechtbank veroordeelt gedaagde tevens in de kosten van de procedure. De eis tot medewerking aan beslaglegging op een auto wordt afgewezen wegens onvoldoende grond voor onrechtmatige daad.
De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad en erkent de ernst van het onrechtmatig handelen van gedaagde, terwijl de definitieve omvang van de schadevergoeding nog in een bodemprocedure zal worden vastgesteld.
Uitkomst: Eiseressen krijgen een voorschot van €8.000 per persoon voor immateriële schade en €6.103,96 voor materiële schade toegekend, met veroordeling van gedaagde in de proceskosten.