ECLI:NL:RBGRO:2005:BB5761
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang bij subsidieaanvraag IPR 2000
N.V. VAM heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN) waarin haar bezwaar tegen de afwijzing van een subsidieaanvraag in het kader van de Investeringspremieregeling regionale projecten Noord Nederland 2000 (IPR 2000) ongegrond werd verklaard. De aanvraag betrof een uitbreidingsproject voor de Geïntegreerde Afvalverwerkingsinstallatie (GAVI-VAM).
Verweerder stelde dat GAVI-VAM geen zelfstandige onderneming is zoals bedoeld in artikel 1, sub a, van de IPR 2000, waardoor de uitbreidingscriteria aan de moedermaatschappij N.V. VAM moesten worden gerelateerd. Eiseres stelde dat GAVI-VAM wel degelijk een zelfstandige onderneming is, met eigen administratie, verslaggeving, huisvesting en handelsnaam.
De rechtbank oordeelde dat indien het standpunt van eiseres wordt gevolgd, dit betekent dat de aanvraag door andere entiteiten (zoals VAMIJ Beheer CV of VAMIJ Exploitatie BV) had moeten worden gedaan. Hierdoor zou N.V. VAM niet langer als belanghebbende kunnen worden aangemerkt, omdat zij niet rechtstreeks bij het besluit betrokken is. Het ontbreken van belang betekent dat het procesbelang ontbreekt, waardoor het beroep niet-ontvankelijk moet worden verklaard.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en wees partijen op de mogelijkheid om binnen zes weken hoger beroep in te stellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van N.V. VAM wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.