ECLI:NL:RBGRO:2006:AV8443
Rechtbank Groningen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toepassing artikelen 7:667 en 7:668a BW bij doorstart na faillissement
De zaak betreft een geschil over de beëindiging van een arbeidsovereenkomst na een doorstart van een failliete onderneming. [Eiser] betoogt dat zijn arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is omgezet in een overeenkomst voor onbepaalde tijd op grond van artikel 7:668a BW, omdat sprake zou zijn van opvolgende arbeidsovereenkomsten die samen langer dan 36 maanden duren. Esha Waterproofing BV stelt dat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig is geëindigd per 30 september 2005 en dat artikel 7:668a BW niet van toepassing is vanwege de opzegging door de curator en het ontbreken van een misbruiksituatie.
De kantonrechter stelt vast dat de arbeidsovereenkomst van [eiser] is geëindigd na een rechtsgeldige opzegging door de curator van de failliete onderneming, conform artikel 40 Faillissementswet Pro. Artikel 7:667 BW Pro, dat ziet op beëindiging van arbeidsovereenkomsten na faillissement, prevaleert in deze situatie boven artikel 7:668a BW, dat is bedoeld ter bescherming tegen zogenaamde draaideurconstructies. Er is geen sprake van een dergelijk misbruik, aangezien de doorstart het gevolg was van het faillissement en niet van een oneigenlijk motief van de werkgever.
De kantonrechter benadrukt het belang van flexibiliteit bij doorstarts, waarbij het onmogelijk zou zijn om arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd te sluiten als artikel 7:668a BW in deze context zou gelden. Daarom wordt de vordering van [eiser] afgewezen en worden de proceskosten gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst eindigde rechtsgeldig per 30 september 2005; de vorderingen van eiser worden afgewezen.