ECLI:NL:RBGRO:2006:AW0480
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.M.J. Brink
- N.R. Boonstra
- A. van den Berg-Schoof
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs opzettelijk nalaten sociale dienst inlichten
Verdachte werd beschuldigd van het opzettelijk nalaten om de Sociale Dienst tijdig en volledig te informeren over werkzaamheden, inkomsten, bankrekeningen en woonsituatie in de periode van juli 2000 tot december 2003. Tevens werd hem ten laste gelegd dat hij gebruik maakte van voorzieningen betaald uit een uitkering die door een misdrijf was verkregen.
De rechtbank overwoog dat niet wettig en overtuigend was bewezen dat verdachte bewust informatie had verzwegen, waaronder het niet melden van een extra bankrekening. De rechtbank nam in aanmerking dat het spaargeld afkomstig was uit de ontvangen uitkering en achtte de verklaring van verdachte geloofwaardig. Ook was niet bewezen dat verdachte werkzaamheden had verricht of samenwoonde met de genoemde persoon.
Daarom kon ook de tenlastelegging van opzetheling of schuldheling niet worden bewezen. De rechtbank sprak verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten en verklaarde deze niet bewezen. Het vonnis werd uitgesproken op 11 april 2006 door de meervoudige kamer van de rechtbank Groningen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van opzettelijk nalaten de sociale dienst tijdig en volledig in te lichten.