ECLI:NL:RBGRO:2006:AY5611
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M.M. van Woensel
- A.F. Gerding
- A.L.M. Keirse
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot tien maanden gevangenisstraf voor invoer van vijftien bolletjes cocaïne
De rechtbank Groningen heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van tien maanden wegens het opzettelijk binnenbrengen van vijftien bolletjes cocaïne in Nederland in de periode van 30 maart tot en met 10 april 2006.
De verdediging voerde verweren aan over onrechtmatig verkregen bewijs, waaronder het ontbreken van bevelen voor telefoontaps en stelselmatige observaties, en het ontbreken van toestemming voor een onderzoek in het lichaam van de verdachte. De rechtbank verwierp deze verweren, onder meer omdat de officier van justitie alsnog de benodigde bevelen en machtigingen overlegde en de observaties niet als stelselmatig werden aangemerkt.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte de cocaïne heeft ingevoerd, maar verwierp het medeplegen omdat onvoldoende bewijs was voor nauwe samenwerking met anderen. De verdachte werd vrijgesproken van de meer of anders ten laste gelegde feiten.
Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van het delict, de maatschappelijke impact van cocaïne, de recidive van verdachte en diens snelle herhaling van het delict na eerdere detentie. De rechtbank achtte een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend en wees een werkstraf af.
Het vonnis werd uitgesproken door de meervoudige kamer op 3 augustus 2006.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot tien maanden gevangenisstraf voor het opzettelijk invoeren van vijftien bolletjes cocaïne.