ECLI:NL:RBGRO:2006:AY6233
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke veroordeling wegens wederrechtelijke vrijheidsberoving van psychotische zoon
De rechtbank Groningen behandelde de zaak tegen een 64-jarige man die werd verdacht van wederrechtelijke vrijheidsberoving van zijn zoon, mishandeling van zijn echtgenote en het onthouden van medische zorg aan zijn zoon.
De rechtbank sprak verdachte vrij van de tenlasteleggingen betreffende mishandeling van zijn echtgenote en het onthouden van medicijnen en zorg aan zijn zoon, omdat het bewijs daarvoor onvoldoende was. De verklaringen van getuigen waren grotendeels gebaseerd op horen zeggen en de vermeende mishandeling kon niet worden vastgesteld.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte zijn zoon, die in maart 2005 in een psychose verkeerde, meerdere malen met riempjes aan een stoel had vastgebonden en hem zo van zijn vrijheid had beroofd. De rechtbank oordeelde dat verdachte onvoldoende gebruik had gemaakt van minder ingrijpende alternatieven zoals professionele medische hulp.
Gezien de ernst van de situatie en het feit dat verdachte de zorgplicht als ouder had geschonden, legde de rechtbank een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden op met een proeftijd van twee jaar en een bijzondere voorwaarde tot naleving van aanwijzingen van de reclassering, mede vanwege de licht verminderde toerekeningsvatbaarheid van verdachte.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden wegens wederrechtelijke vrijheidsberoving van zijn zoon.