ECLI:NL:RBGRO:2006:AZ4417
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D.A. Flinterman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging tot perspectiefbiedende pleegzorg voor baby van verslaafde moeder
De moeder is verslaafd en verblijft op grond van een voorlopige rechterlijke machtiging in een psychiatrisch ziekenhuis. De Raad voor de Jeugdzorg (LJ&R) heeft een aanwijzing afgegeven om de baby in een perspectiefbiedend pleeggezin te plaatsen. De rechtbank interpreteert dit als een verzoek om een machtiging voor plaatsing in een pleegzorgvoorziening.
De moeder heeft tijdens haar zwangerschap geen adequate medische begeleiding gezocht en bleef verdovende middelen gebruiken, wat leidde tot voorlopige ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing van de baby. De moeder wenst echter samen met de baby opgenomen te worden in een beschermde woonvorm en pleeggezin, en is bereid zich te laten opnemen voor observatie en behandeling.
De rechtbank overweegt dat de moeder zich onverantwoordelijk heeft opgesteld en dat het onduidelijk is of zij in staat zal zijn om met hulp de zorg voor de baby te dragen. De Raad voor de Kinderbescherming zal nader onderzoeken of een definitieve kinderbeschermingsmaatregel nodig is. Tot die tijd blijft de machtiging voor plaatsing in een zorgaccommodatie van kracht, maar het verzoek tot plaatsing in een perspectiefbiedend pleeggezin wordt afgewezen.
Deze beslissing sluit aan bij de wettelijke systematiek van artikel 1:247 BW Pro, de jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en het Normenrapport van de Landelijke Raad voor de Kinderbescherming. Tevens is gewezen op de regeling voor afstandsmoeders die binnen een bepaalde termijn hun besluit kunnen herroepen.
Uitkomst: Het verzoek tot machtiging voor plaatsing van de baby in een perspectiefbiedend pleeggezin wordt afgewezen.