ECLI:NL:RBGRO:2007:BA1435
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.Tj. Terpstra
- Rechtspraak.nl
Verplichting werkgever tot aanbieden nieuw contract na opeenvolgende tijdelijke arbeidsovereenkomsten
De zaak betreft een kort geding tussen een reisleidster en haar werkgever SRC Cultuurvakanties BV over de vraag of er een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan na vele jaren van opeenvolgende tijdelijke contracten met tussenpozen van meer dan drie maanden.
De kantonrechter stelt vast dat SRC de reisleidsters tijdelijke contracten aanbiedt vanwege het seizoensgebonden karakter van het werk. Artikel 7:668a BW voorkomt dat door zulke tussenpozen een contract voor onbepaalde tijd ontstaat. De werkgever heeft echter op grond van goed werkgeverschap de verplichting om een nieuw contract aan te bieden als er geen gegronde reden is om dat niet te doen.
Hoewel SRC disfunctioneren van de werknemer aanvoert, zijn klachten onvoldoende onderbouwd en wijzen enquêteresultaten op tevredenheid. Ook ontbreken functioneringsgesprekken. Daarom had SRC de werknemer een nieuw contract moeten aanbieden en haar moeten inroosteren.
De kantonrechter veroordeelt SRC tot betaling van loon en vakantiegeld over de periode dat de werknemer niet is opgeroepen, omdat geen gegronde reden voor het niet oproepen is gebleken. De proceskosten worden gecompenseerd en het meer gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Werkgever is verplicht een nieuw arbeidscontract aan te bieden en loon te betalen over de niet-gewerkte periode.