ECLI:NL:RBGRO:2007:BA5131
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter in voogdijzaak
In deze zaak diende mr. J.G.M. Kassing namens [de moeder] een wrakingsverzoek in tegen mr. D.A. Flinterman, de behandelend rechter in een voogdij- en gezagszaak over [minderjarige]. Het verzoek betrof vermeende onpartijdigheid van de rechtbank Groningen, mede gebaseerd op eerdere beslissingen van een andere rechter, mr. K.R. Bosker.
De rechtbank overwoog dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er uitzonderlijke omstandigheden zijn die het tegendeel aantonen. De aangevoerde feiten en omstandigheden waren onvoldoende om een gegronde vrees voor partijdigheid jegens mr. Flinterman te rechtvaardigen. Ook de schijn van partijdigheid was niet gewekt.
Mr. Flinterman had de zaak overgenomen wegens ziekte van mr. Bosker en was nog niet toegekomen aan inhoudelijke beoordeling. Het wrakingsverzoek leidde tot een vroegtijdige beëindiging van het onderzoek, waardoor de inhoudelijke behandeling werd vertraagd.
De rechtbank wees het wrakingsverzoek af, bepaalde dat de procedure wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond en beval onverwijlde mededeling van de beslissing aan alle betrokken partijen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen mr. Flinterman wordt afgewezen en de procedure wordt voortgezet.