ECLI:NL:RBGRO:2007:BB4076
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.M.J. Brink
- F.J. Agema
- H.L. Stuiver
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken tolk en onvoldoende bewijs medeplegen moord
De rechtbank Groningen heeft op 13 september 2007 uitspraak gedaan in een zaak waarin verdachte werd verdacht van medeplegen en medeplichtigheid aan moord. Tijdens het onderzoek bleek dat verdachte niet in het bijzijn van een tolk was verhoord, wat leidde tot uitsluiting van deze verhoren als bewijs. Ook werden tapverslagen uitgesloten vanwege tegenstrijdige vertalingen.
De verdediging stelde dat deze onregelmatigheden het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk moesten doen verklaren, maar de rechtbank vond dit niet aannemelijk. Wel concludeerde zij dat verdachte in zijn verdediging was geschaad door de onrechtmatige bewijsgaring.
Op inhoudelijk niveau oordeelde de rechtbank dat er geen wettig en overtuigend bewijs was voor medeplegen of medeplichtigheid aan moord. Verdachte had geen opzet gehad met betrekking tot het verschaffen van middelen of hulp bij het misdrijf. Daarom werd verdachte vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten.
De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering, die buiten het strafproces bij de burgerlijke rechter moet worden aangebracht. De rechtbank bepaalde dat beide partijen hun eigen kosten dragen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van medeplegen en medeplichtigheid aan moord wegens gebrek aan bewijs en onrechtmatige bewijsgaring.