ECLI:NL:RBGRO:2007:BB5513
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A. Houtman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit op grond van onjuiste wettelijke grondslag bij WW-voorschotten
Eiseres, werkzaam bij een banenpoolregeling en later onder de Wet Inschakeling Werkzoekenden, diende een aanvraag in voor een WW-uitkering na beëindiging van haar dienstverband. Verweerder verstrekte voorschotten in afwachting van een definitieve beslissing, maar legde ten onrechte artikel 30 WW Pro als grondslag voor het besluit tot opschorting van de uitkering.
De rechtbank constateert dat er onduidelijkheid bestaat over de ingangsdatum van de uitkering vanwege een lopende procedure over schadevergoeding wegens niet in acht genomen opzegtermijn. Hoewel verweerder artikel 30 WW Pro abusievelijk toepaste, was het verstrekken van voorschotten op grond van artikel 31 WW Pro terecht.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond voor zover het besluit gebaseerd is op artikel 30 WW Pro en vernietigt dat gedeelte. Het beroep wordt voor het overige ongegrond verklaard. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak werd gedaan door rechter A. Houtman op 20 september 2007.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd voor zover het is gebaseerd op artikel 30 WW, terwijl het voorschot op grond van artikel 31 WW terecht is toegekend.