ECLI:NL:RBGRO:2007:BB5584
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke vernietiging tijdelijke vaardieptebeperking Winschoterdiep wegens onnodige beperking
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van 7 februari 2006 waarin verweerder een tijdelijke beperking van de vaardiepte tot 2,60 meter op het Winschoterdiep en de Rensel heeft ingesteld, met beperkingen voor schepen tot 80 bij 9,60 meter. Verweerder stelde dat de beperking noodzakelijk was vanwege sedimentafzetting en achterstallig onderhoud, waardoor de veiligheid en het vlotte verloop van de scheepvaart niet langer gegarandeerd konden worden.
De rechtbank constateerde dat de huidige toegestane vaardiepte van 2,90 meter niet langer gehandhaafd kon worden, maar oordeelde dat de beperking tot 2,60 meter onnodig beperkend was. Uit peilingen bleek dat in het midden van de vaarweg een diepgang van 2,80 meter mogelijk was, maar verweerder had onvoldoende rekening gehouden met de belangen van de scheepvaart, die vooral bestaat uit bevoorrading van bedrijven met schepen die baat hebben bij een grotere diepgang.
Hoewel verweerder niet nalatig was in zijn zorgplicht en de financiële middelen ontbraken voor direct baggerwerk, had hij meer aan de bezwaren van eisers tegemoet kunnen komen. De rechtbank vernietigde daarom het besluit en bepaalde dat verweerder het betaalde griffierecht aan eisers moet vergoeden.
Uitkomst: Het besluit tot tijdelijke vaardieptebeperking op het Winschoterdiep wordt vernietigd wegens onnodige beperking en onvoldoende belangenafweging.