ECLI:NL:RBGRO:2007:BB9111
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging co-ouderschap wegens verstoorde communicatie en vaststelling hoofdverblijf kinderen
De vrouw verzocht de rechtbank om wijziging van de eerder vastgestelde co-ouderschapregeling en het hoofdverblijf van de minderjarige kinderen bij haar te plaatsen, vanwege de verstoorde communicatie met de man. De man verzocht afwijzing van dit verzoek en handhaving van het co-ouderschap of, subsidiair, het hoofdverblijf bij hem met een omgangsregeling voor de vrouw.
De rechtbank constateerde dat de communicatie tussen partijen ernstig verstoord was, waardoor het co-ouderschap niet langer in het belang van de kinderen was. De vrouw weigerde contact met de man, wat de kinderen in een loyaliteitsconflict bracht en hun welzijn bedreigde. Beide ouders waren echter in staat de kinderen goed te verzorgen.
Gezien de situatie bepaalde de rechtbank het hoofdverblijf van de kinderen bij de man, die ook de voormalige echtelijke woning bewoont en waar de kinderen naar school gaan. Voor de moeder werd een omgangsregeling vastgesteld van één weekend per veertien dagen en de helft van de vakanties en feestdagen. Het verzoek van de vrouw tot vaststelling van kinderalimentatie werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het belang daarvan was komen te vervallen.
De beschikking werd op 20 maart 2007 uitgesproken door de rechtbank Groningen en is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hoofdverblijf van de kinderen wordt bij de vader vastgesteld en een omgangsregeling voor de moeder wordt vastgesteld.