ECLI:NL:RBGRO:2008:BF3770
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.M.E. Kiezebrink
- A. van den Berg-Schoof
- H.J. Bastin
- Rechtspraak.nl
Werkstraf voor poging tot verkrachting in zorginstelling met sterk verminderde toerekeningsvatbaarheid
Op 25 september 2008 heeft de rechtbank Groningen verdachte veroordeeld voor poging tot verkrachting van een medebewoonster in een zorginstelling te Bedum. De feiten speelden zich af in de nacht van 25 op 26 april 2007, waarbij verdachte het slachtoffer met geweld probeerde te dwingen tot seksuele handelingen, waaronder het seksueel binnendringen van haar lichaam. De poging werd verijdeld door een begeleidster die de kamer betrad.
De rechtbank baseerde haar oordeel op verklaringen van het slachtoffer, een getuige en verdachte zelf, alsmede op een psychiatrisch rapport waaruit bleek dat verdachte lijdt aan een organo-psychosyndroom door hersenletsel, waardoor hij sterk verminderd toerekeningsvatbaar is. De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte de intentie had tot verkrachting, maar niet dat het misdrijf voltooid is.
Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder zijn fysieke beperkingen en detentieongeschiktheid. Daarom werd een werkstraf van 100 uur opgelegd, waarvan 80 uur voorwaardelijk, met een bijzondere voorwaarde van verplicht reclasseringscontact en begeleiding op het gebied van relatievorming en erotiek.
De straf moet binnen een jaar na onherroepelijkheid van het vonnis worden uitgevoerd, met vervangende hechtenis van 50 dagen indien niet voldaan wordt aan de taakstraf. De rechtbank benadrukte het belang van adequate rechtsbescherming voor bewoners van zorginstellingen en het nut van begeleiding om recidive te voorkomen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van 100 uur, waarvan 80 uur voorwaardelijk, wegens poging tot verkrachting met bijzondere voorwaarden vanwege sterk verminderde toerekeningsvatbaarheid.