ECLI:NL:RBGRO:2009:BH4852
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M.M. van Woensel
- K.R. Bosker
- P.H.M. Tapper-Wessels
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak ontucht sociotherapeut met patiënt wegens vrijwilligheid en wederzijdse instemming
Verdachte, werkzaam als sociotherapeut in een psychiatrische kliniek, werd beschuldigd van ontucht met een patiënt. De officier van justitie stelde dat de afhankelijkheidsrelatie binnen de kliniek ontucht strafbaar maakt en dat verdachte regels heeft overtreden door seksuele contacten aan te gaan.
De verdediging voerde aan dat de seksuele relatie vrijwillig en wederzijds was, zonder dwang of druk vanuit de hiërarchische behandelrelatie. De rechtbank overwoog dat het verbod op ontucht tussen sociotherapeut en patiënt niet absoluut is en dat bij vrijwilligheid en wederzijdse verliefdheid geen sprake is van strafbare ontucht.
Gelet op de verklaringen van beide partijen en de jurisprudentie van de Hoge Raad, concludeerde de rechtbank dat er geen sprake was van ontucht in strafrechtelijke zin. Verdachte werd vrijgesproken en de vordering van de benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van ontucht met patiënt wegens vrijwilligheid en wederzijdse instemming zonder dwang.