ECLI:NL:RBGRO:2009:BJ2211
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot verlenging ondertoezichtstelling minderjarige niet-ontvankelijk wegens te late indiening
De zaak betreft een verzoek van de WSG tot verlenging van een ondertoezichtstelling voor een minderjarige met ADHD-problematiek en een verstandelijke handicap. De minderjarige verbleef tot juli 2008 in een instelling en woont sindsdien weer thuis, waar de moeder ondersteuning nodig heeft bij de zorg.
De WSG heeft het verlengingsverzoek te laat ingediend, namelijk na afloop van de geldigheidsduur van de lopende ondertoezichtstelling, en bovendien ontbraken de benodigde stukken zoals een plan van aanpak en een verslag. De kinderrechter heeft de WSG meerdere malen in de gelegenheid gesteld deze stukken alsnog te overleggen, maar dit is niet binnen de gestelde termijnen gebeurd.
De kinderrechter heeft het verzoek daarom niet-ontvankelijk verklaard, mede gelet op het belang van het kind zoals neergelegd in het Verdrag inzake de rechten van het kind. Tijdens de zitting is gebleken dat moeder en haar partner voldoende inzet tonen en in staat zijn de zorg te dragen, waarbij moeder zelfstandig hulp zal zoeken indien nodig.
De beslissing is genomen na meerdere tussenbeschikkingen en een zitting met gesloten deuren, waarbij de WSG niet is verschenen. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open bij het Gerechtshof te Leeuwarden binnen drie maanden.
Uitkomst: Het verlengingsverzoek van de ondertoezichtstelling is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening.