ECLI:NL:RBGRO:2009:BJ6912
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.M.E. Kiezebrink
- P.H.M. Smeets
- G. Laman
- Rechtspraak.nl
Veroordeling loverboy voor mensenhandel en uitbuiting prostitutie
De rechtbank Groningen behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van mensenhandel en uitbuiting van een vrouw in de prostitutie, ook wel aangeduid als een loverboy-zaak. De feiten vonden plaats tussen juni 2005 en juni 2007 in Groningen. Verdachte zou de vrouw onder dwang, misleiding en misbruik van een kwetsbare positie hebben gebracht en haar inkomsten uit prostitutie hebben afgenomen.
De rechtbank baseerde zich op meerdere verklaringen van het slachtoffer en getuigen die een beeld schetsten van een typische loverboy-relatie. Verdachte betaalde onder meer haar vliegtickets, bood onderdak, gaf cadeaus en controleerde haar werk en inkomsten. De rechtbank verwierp het verweer dat sprake was van een normale liefdesrelatie en sprak verdachte vrij van het gebruik van geweld.
De rechtbank verklaarde het bewezen dat verdachte de vrouw heeft vervoerd, overgebracht, gehuisvest en gedwongen tot prostitutie en dat hij voordeel trok uit haar verdiensten. Verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 349 dagen, waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De vordering van het slachtoffer tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard en de schadevergoedingsmaatregel van de officier van justitie werd afgewezen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 349 dagen gevangenisstraf, waarvan 180 dagen voorwaardelijk, voor mensenhandel en uitbuiting in de prostitutie.