ECLI:NL:RBGRO:2009:BK7106
Rechtbank Groningen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verbod op werkzaamheden in strijd met concurrentiebeding en dwangsom
Friesland Foods heeft in kort geding gevorderd dat Q. wordt verboden werkzaamheden te verrichten voor F. Noordhoek en Zoon B.V., omdat dit in strijd zou zijn met het concurrentiebeding dat partijen in 2001 zijn overeengekomen. Q. betwistte de geldigheid van het concurrentiebeding vanwege functiewijziging en stelde dat Noordhoek geen concurrent is omdat het vooral exporteert en kaas van Friesland Foods betrekt.
De kantonrechter oordeelde dat functiewijziging en andere standplaats niet leiden tot het vervallen van het concurrentiebeding, mede omdat Q. dezelfde producten aan dezelfde klanten bleef verkopen en expliciet in een brief van mei 2008 het concurrentiebeding erkende. Ook werd geoordeeld dat Noordhoek wel degelijk onder het concurrentiebeding valt, ondanks exportactiviteiten, omdat het een Nederlandse onderneming is die concurreert op dezelfde markt.
De vordering tot verbod van werkzaamheden voor Noordhoek werd daarom toegewezen. Tevens werd een dwangsom opgelegd van € 5.000 per dag met een maximum van € 100.000, gemaximeerd conform artikel 611b Rv. De kosten van de procedure werden aan Q. opgelegd. De (voorwaardelijke) reconventionele vordering van Q. tot schorsing van het concurrentiebeding werd afgewezen.
De uitspraak bevestigt dat functiewijzigingen en exportactiviteiten niet automatisch leiden tot het vervallen van een concurrentiebeding en benadrukt de bindende werking van schriftelijke afspraken, ook bij vrijstelling van werkzaamheden tijdens het dienstverband.
Uitkomst: Q. is verboden werkzaamheden te verrichten voor Noordhoek in strijd met het concurrentiebeding en veroordeeld tot betaling van een gemaximeerde dwangsom.