ECLI:NL:RBGRO:2010:BL4575
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging machtiging uithuisplaatsing wegens overdrachtsproblematiek en begeleiding terugplaatsing
De zaak betreft de verlenging van een machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige, die sinds oktober 2009 in een pleeggezin verblijft. De verlenging is aangevraagd door de Stichting Gereformeerde Jeugdbescherming (SGJb) vanwege de noodzaak van begeleiding bij terugplaatsing en problemen bij de overdracht tussen bjz en SGJb.
Tijdens de zitting werden verschillende standpunten gehoord. De SGJb benadrukte dat terugplaatsing afhankelijk is van het psychisch welbevinden en pedagogische vaardigheden van moeder, die sinds november 2009 ambulante begeleiding ontvangt. Moeder stelde dat haar pedagogische capaciteiten niet ter discussie staan en dat de hulpverlening versneld moet worden. De casemanager GGZ en de psychiater bevestigden dat moeder medicatie krijgt en gemotiveerd is, waardoor terugplaatsing mogelijk is.
De kinderrechter constateerde dat ondanks de verstreken termijn weinig vooruitgang is geboekt in de terugplaatsing en dat het contact tussen moeder, vader en de minderjarige beperkt is gebleven. Gezien het belang van de minderjarige werd de machtiging tot uithuisplaatsing verlengd tot 1 mei 2010, met de verplichting om het contact te intensiveren en de hulpverlening te starten zonder verdere vertraging.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en er is mogelijkheid tot hoger beroep binnen drie maanden na uitspraak.
Uitkomst: De machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige wordt verlengd tot 1 mei 2010 met onmiddellijke intensivering van het contact.