ECLI:NL:RBGRO:2010:BL6488
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende re-integratie-inspanningen werkgever in tweede spoor Wet WIA
Werknemer viel in oktober 2006 uit wegens handklachten en werd geopereerd. Na 21 december 2007 werd duidelijk dat re-integratie in het tweede spoor noodzakelijk was. Verweerder legde aan eiseres een loonsanctie op wegens onvoldoende en te late re-integratie-inspanningen. Eiseres voerde aan dat zij binnen redelijke termijn handelde en de situatie complex was.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht heeft vastgesteld dat de re-integratie-inspanningen onvoldoende en niet voortvarend waren. Het trajectplan en de acties van het re-integratiebedrijf Pro Actief waren te traag en inhoudelijk ontoereikend. De werkgever had meer concrete activiteiten moeten inzetten, zoals trainingen en loopbaanonderzoek.
De rechtbank stelt vast dat het te trage handelen van het ingeschakelde re-integratiebureau aan de werkgever is toe te rekenen. Er is geen deugdelijke grond voor de tekortkomingen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en partijen worden gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep van de werkgever wordt ongegrond verklaard en de loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen wordt bevestigd.