ECLI:NL:RBGRO:2010:BL6780
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling duurzame werkhervatting en passendheid arbeid bij Wet WIA
Eiser, werkzaam als wijkopzichter, meldde zich per 13 november 2006 arbeidsongeschikt wegens psychische klachten en werkte vanaf april 2008 parttime in passend werk bij zijn werkgever. Na een aanvraag voor een WIA-uitkering per 10 november 2008 werd deze afgewezen omdat eiser minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. Eiser maakte bezwaar en stelde dat hij zijn werk op de datum in geding niet duurzaam kon verrichten en dat een medische beoordeling ontbrak.
De rechtbank stelde vast dat de verzekeringsarts Schaaphok in augustus 2008 beperkingen vaststelde, maar dat de medische prognose onzeker was. De bezwaararbeidsdeskundige Van Dam concludeerde dat eiser op einde wachttijd zijn werk van assistent hoofd bedrijfsbureau voor 28 uur per week duurzaam kon verrichten. De bezwaarverzekeringsarts Dreijer bevestigde dit oordeel in september 2009 en gaf aan dat geen verslechtering had plaatsgevonden.
De rechtbank oordeelde dat een beoordeling achteraf door de bezwaarverzekeringsarts geoorloofd is en dat eiser onvoldoende medische onderbouwing leverde voor zijn stelling dat hij op 10 november 2008 niet duurzaam kon werken. Ook was overleg tussen de arbeidsdeskundige en verzekeringsarts niet noodzakelijk. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van de WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard.