ECLI:NL:RBGRO:2010:BL9970
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.W.Th. Buijtenhuijs
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toepasselijk recht en beëindiging partneralimentatie bij samenwonen volgens Belgisch recht
De rechtbank Groningen behandelde een geschil over partneralimentatie tussen ex-echtgenoten waarbij de man verzocht de alimentatieplicht te beëindigen omdat de vrouw samenwoonde met een andere man als ware zij gehuwd. De rechtbank stelde vast dat het Belgische recht, dat op de alimentatieovereenkomst van toepassing is, geen beëindigingsgrond biedt voor samenwoning zonder huwelijk. De alimentatieovereenkomst is gesloten onder het oude Belgische recht en bevat een niet-wijzigingsbeding, waarbij alleen het sluiten van een huwelijk door de vrouw een beëindigingsgrond vormt.
De rechtbank overwoog dat de overeenkomst een dading is die slechts kan worden vernietigd wegens dwaling, bedrog of geweld. De man kreeg de gelegenheid zich schriftelijk uit te laten over het bewijs van zijn stellingen en de vrouw mocht hierop reageren. De rechtbank wees het verzoek tot beëindiging van de alimentatie op grond van samenwoning af en liet de mogelijkheid tot hoger beroep open.
De zaak werd verwezen naar een rolzitting waarbij nadere schriftelijke toelichting van beide partijen werd verlangd. De rechtbank bevestigde de toepassing van het Belgische recht op grond van het beginsel van de nauwste verbondenheid, mede gelet op de woonplaatsen van partijen en de inhoud van de echtscheidingsovereenkomst.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot beëindiging van de alimentatieplicht vanwege samenwoning af en bevestigt de toepassing van Belgisch recht.