ECLI:NL:RBGRO:2010:BO4440

Rechtbank Groningen

Datum uitspraak
8 april 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
437590 CV EXPL 09-22290
Instantie
Rechtbank Groningen
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • R.Tj. Terpstra
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betalingsvordering wegens onbetaalde zorgpremies en stelplicht betalingsregeling

Q. heeft een basisverzekering afgesloten bij Menzis met een maandelijkse premie van €92,00. Voor de maanden mei, juni en juli 2009 zijn de premies onbetaald gebleven. Menzis vordert betaling van de openstaande premies, vermeerderd met rente en kosten.

Q. stelt dat er een betalingsregeling met de deurwaarder is getroffen en dat hij betalingen heeft verricht. Menzis erkent een betalingsregeling, maar deze heeft betrekking op andere dossiers en niet op de onderhavige vordering. Q. heeft niet voldoende onderbouwd dat de betalingsregeling ook voor deze vordering geldt, waardoor hij niet aan zijn stelplicht heeft voldaan.

De rechtbank wijst de vordering tot betaling van de hoofdsom en rente toe, maar wijst de gevorderde buitengerechtelijke kosten af omdat niet is gebleken dat deze werkzaamheden meer omvatten dan aanmaningen. Q. wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: Q. wordt veroordeeld tot betaling van de openstaande premies en wettelijke rente, buitengerechtelijke kosten worden afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK GRONINGEN
Sector kanton
Locatie Groningen
Zaak\rolnummer: 437590 \ CV EXPL 09-22290
Vonnis d.d. 8 april 2010
inzake
de onderlinge waarborgmaatschappij Onderlinge Waarborgmaatschappij Menzis Zorgverzekeraar U.A.,
gevestigd te Zwolle,
eiseres, hierna Menzis te noemen,
gemachtigde LAVG, gerechtsdeurwaarders te Groningen,
tegen
Q.,
wonende te [postcode] Groningen, [adres],
gedaagde, hierna Q. te noemen,
in persoon procederende.
PROCESGANG
Menzis heeft op de bij dagvaarding geformuleerde gronden gevorderd Q. te veroordelen tot betaling van € 369,74 vermeerderd met rente en kosten. Q. heeft geantwoord met conclusie tot afwijzing van het gevorderde. Vervolgens hebben partijen geconcludeerd voor re- en dupliek. Hierna is vonnis (nader) bepaald op heden.
OVERWEGINGEN
de feiten
1. Tussen partijen staat als gesteld en erkend, dan wel niet of onvoldoende (gemotiveerd) weersproken het volgende vast.
1.1 Q. heeft onder polisnummer 12398055 een basisverzekering voor de ziektekosten afgesloten bij Menzis.
1.2 Uit hoofde van deze verzekering bedroeg de maandelijks te betalen premie in het jaar 2009 € 92,00, telkens bij vooruitbetaling te voldoen.
1.3 De maanden mei, juni, juli 2009 zijn onbetaald gebleven.
1.4 Op 15 september 2009 heeft Menzis de vordering terzake deze onbetaalde
premies uit handen gegeven.
het standpunt van Menzis
2. Zij legt het volgende aan vordering ten grondslag.
2.1 Q. is niet onterecht gedagvaard. De betalingsregeling die met Q. is afgesloten dateert van voor 15 september 2009 en heeft betrekking op een vijftal andere dossiers.
2.2 Aangezien Q. in gebreke is gebleven de vordering te voldoen is hij eveneens rente en kosten verschuldigd.
het standpunt van Q.
3. Hij voert - zakelijk weergegeven en voor zover hier van belang - het volgende als verweer aan.
3.1 Met de deurwaarder is een betalingsregeling afgesproken. Er zijn telkens betalingen gedaan.
3.2 Menzis is ten onrechte tot dagvaarding is overgegaan.
de beoordeling
4.1 Q. heeft erkend dat er sprake is van een achterstand in premiebetalingen, maar stelt dat partijen hiervoor een betalingsregeling hebben afgesproken. Menzis bevestigt weliswaar het bestaan van een betalingsregeling, maar stelt dat deze betrekking heeft op een aantal andere dossiers en al was overeengekomen voordat sprake was van de onderhavige vordering. Dat de gedane betalingen op andere dossiers zien, valt ook af te leiden uit de door Q. overgelegde kwitanties. Het had op de weg van Q. gelegen om nader te onderbouwen dat ook de onderhavige vordering onder de betalingsregeling valt. Nu hij dat niet heeft gedaan, heeft hij niet aan zijn stelplicht voldaan en dient zijn verweer te worden verworpen. De vordering in hoofdsom ligt dan ook voor toewijzing gereed.
4.2 Ten aanzien van de buitengerechtelijke werkzaamheden merkt de kantonrechter op dat het uitgangspunt is dat deze werkzaamheden meer moeten omvatten dan een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning. Nu hiervan in de onderhavige procedure niet is gebleken, dienen deze werkzaamheden te worden aangemerkt als zijnde ter voorbereiding van de processtukken en instructie van de zaak. De gevorderde buitengerechtelijke kosten zullen dan ook worden afgewezen.
4.3 Q. zal als grotendeels in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van de procedure.
BESLISSING
De kantonrechter:
veroordeelt Q. om tegen bewijs van betaling aan Menzis te voldoen een bedrag van € 280,49 te vermeerderen met de wettelijke rente over € 276,00 vanaf 23 oktober 2009tot de dag der algehele voldoening;
veroordeelt Q. in de kosten van deze procedure, die aan de zijde van tot aan deze uitspraak worden vastgesteld op € 85,98 aan dagvaardingskosten, € 90,00 aan griffierechten en € 120,00 aan salaris van de gemachtigde;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af - voor zover nodig - het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.Tj. Terpstra, kantonrechter, en op 8 april 2010 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.
typ: jcn