ECLI:NL:RBGRO:2010:BO7459
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor onjuiste belastingaangifte over 2004 na verjaring eerdere jaren
De rechtbank Groningen heeft op 16 december 2010 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte wegens het doen van onjuiste belastingaangiften over de jaren 2002, 2003 en 2004. De officier van justitie was ontvankelijk verklaard voor de vervolging, ondanks een verweer tot niet-ontvankelijkheid op basis van de ATV-richtlijn 2006.
De rechtbank oordeelde dat de strafvordering voor de jaren 2002 en 2003 was verjaard, waardoor verdachte voor die jaren niet vervolgd kon worden. Voor het jaar 2004 was de vervolging wel ontvankelijk en werd wettig en overtuigend bewezen dat verdachte opzettelijk een te laag belastbaar bedrag had opgegeven door een bedrag aan ontvangen provisie niet te vermelden. Verdachte werd echter vrijgesproken van het opzet op onjuistheid voor de jaren 2002 en 2003, omdat hij de rendementen wel had opgegeven in box 3, zij het niet in de juiste box 1.
De rechtbank hield rekening met de aard en ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van verdachte en de draagkracht bij het opleggen van straf. Verdachte werd veroordeeld tot een geldboete van €5.000 met een vervangende hechtenis van 60 dagen bij niet-betaling, waarbij voorarrest in mindering werd gebracht.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot een geldboete van €5.000 voor onjuiste belastingaangifte over 2004, terwijl vervolging voor 2002 en 2003 is verjaard.