Motivering
Feiten
Op grond van de stukken van het geding en het verhandelde ter zitting staat het volgende vast:
1.1 Op 5 november 2008 heeft eiser een bouwaanvraag met nummer [nummer] ingediend voor het oprichten van een bedrijfsverzamelgebouw, plaatselijk bekend [adres], [plaats], sectie [sectie], nr. [nummer].
1.2 Bij besluit van 29 januari 2009 is de gevraagde vergunning verleend. Het besluit van het college luidt - voor zover van belang -:
"Burgemeester en Wethouders van de gemeente Groningen
[…]
BESLUITEN
vergunning te verlenen voor, het in de bovengenoemde aanvraag bedoelde en bij dit besluit behorende en als zodanig gewaarmerkte bouwplan, onder de aan deze vergunning gehechte voorwaarden en nadere eisen.
[…]
Bouwkosten € 460.000,00
Leges: € 15.632,50
(voor de op deze vergunning betrekking hebbende leges ontvangt u binnenkort een factuur)."
[…]
Deze bouwvergunning is een beschikking waartegen een ieder die meent door deze bouwvergunning in zijn belangen te zijn getroffen, een bezwaarschrift op grond van de Algemene wet bestuursrecht kan indienen."
Voormeld besluit is ondertekend door Burgemeester en Wethouders, namens deze de algemeen directeur, namens deze, de teamleider Loket Bouwen en Wonen.
1.3 Met dagtekening 4 februari 2009 heeft verweerder een factuur bouwleges ten bedrage van € 15.632,50 naar eiser gestuurd.
1.4 Eiser heeft bij brief van 9 maart 2009, gericht aan de gemeente Groningen, Teamleider Loket Bouwen en Wonen, ontvangen bij verweerder op 11 maart 2009 bezwaar gemaakt. Voormelde brief luidt - voor zover van belang -:
"Op dit moment zijn nog een aantal zaken onduidelijk, echter reeds nu maken wij namens cliënte proforma bezwaar tegen bouwleges."
1.5 Eiser heeft bij brief van 10 april 2009, gericht aan de gemeente Groningen, Afdeling belastingen, het onder 1.4 genoemde bezwaarschrift gemotiveerd. Deze motivering luidt - voor zover van belang -:
"Inzake het bezwaar tegen de bouwleges met betrekking tot de vergunning van [eiser] te [woonplaats] (uw referentie [referentienummer]) hebben wij proforma-bezwaar aangetekend.
[…]
Wij stellen vast dat de bouwleges zijn vastgesteld namens burgemeester en wethouders, door de teamleider Loket Bouwen en Wonen. Deze handelswijze bevreemdt ons en leidt ons inziens tot onbevoegdelijke vaststelling van de belastingaanslag bouwleges."
1.6 Ter zitting heeft de gemachtigde van eiser verklaard dat het bezwaar gericht was tegen de door hem veronderstelde vaststelling van de bouwleges in het onder 1.2 genoemde besluit en niet tegen de onder 1.3 genoemde factuur bouwleges.
1.7 Ter zitting heeft verweerder verklaard dat hij het bezwaar heeft opgevat als zijnde een bezwaar gericht tegen de onder 1.3 genoemde factuur bouwleges en niet tegen de in het onder 1.2 genoemde besluit vervatte mededeling van het bedrag van de bouwleges.