ECLI:NL:RBGRO:2010:BQ8620
Rechtbank Groningen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op verjaring en vorderingen inzake perceel en pad tussen buren
Eiser en gedaagden zijn buren met percelen die aan elkaar grenzen. Eiser vordert dat gedaagden hun zaken van een perceel verwijderen, het perceel niet meer betreden, en werkzaamheden aan het perceel verbieden. Tevens vordert hij dat een grind- en tegelpad op het perceel in de huidige staat blijft en vrij toegankelijk blijft voor hem.
Eiser baseert zijn vorderingen onder meer op verkrijgende en extinctieve verjaring, stellende dat hij het perceel meer dan 20 jaar onafgebroken voor zichzelf heeft gehouden. De voorzieningenrechter oordeelt dat bezit ontbreekt omdat eiser het perceel met instemming van de rechtsvoorganger van gedaagden gebruikte, waardoor hij het niet voor zichzelf hield in de zin van artikel 3:107 BW Pro.
Daarom wordt het beroep op verjaring verworpen en worden de vorderingen afgewezen. Het pad zal in de huidige staat blijven zodat eiser en andere gebruikers er vrij gebruik van kunnen maken. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten van gedaagden.
Uitkomst: De vorderingen van eiser worden afgewezen en het beroep op verjaring wordt verworpen wegens ontbreken van bezit.