ECLI:NL:RBGRO:2011:BP7364
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.R. van Baak-Klijnsma
- Rechtspraak.nl
Betalingsovereenkomst en bewijs van onderhandse akte bij geschil over sieradenkoop
A kocht in mei 2010 op de markt in Zuidbroek sieraden van B voor €1320, onder de ontbindende voorwaarde dat deze van goud waren. Na controle bleek dit niet het geval en ontstond een geschil over terugbetaling. Partijen sloten een overeenkomst waarbij B het bedrag in termijnen zou terugbetalen, vastgelegd in een onderhandse akte.
B betwist de echtheid van de akte en beroept zich op dwaling, bedrog en misbruik van omstandigheden. De kantonrechter oordeelt dat de akte voldoende bewijs levert en dat B's ontkenning niet stellige ontkenning is zoals vereist in artikel 159 lid 2 Rv Pro. De verweren worden verworpen omdat B niet aannemelijk maakt dat hij onder dwang of bedrog heeft getekend.
De rechtbank veroordeelt B tot betaling van €1710,17 inclusief incassokosten en rente vanaf de dagvaarding, en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. B wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €1710,17 met rente en incassokosten aan eiser.