ECLI:NL:RBGRO:2011:BQ8304

Rechtbank Groningen

Datum uitspraak
27 april 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
126184/HA RK 11-146
Instantie
Rechtbank Groningen
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:15 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek wegens misbruik van recht

Verzoeker diende een schriftelijk wrakingsverzoek in tegen mr. T.F. Bruinenberg, rechter in de bestuurssector van de rechtbank Groningen, in een lopende bestuursrechtelijke procedure. De rechtbank had reeds op 20 april 2011 in een eerdere procedure geoordeeld dat een volgend wrakingsverzoek gebaseerd op dezelfde gronden niet meer in behandeling zou worden genomen wegens misbruik van recht.

Het huidige wrakingsverzoek bevatte geen nieuwe gronden, waardoor de rechtbank het verzoek als misbruik van recht kwalificeerde en verzoeker niet ontvankelijk verklaarde. De rechtbank zag daarom geen aanleiding voor een mondelinge behandeling van het verzoek.

De procedure in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin zij zich bevond ten tijde van het indienen van het wrakingsverzoek. De beslissing werd op 27 april 2011 in het openbaar uitgesproken en onmiddellijk aan verzoeker en de betrokken rechter medegedeeld.

Uitkomst: Wrakingsverzoek niet ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht.

Uitspraak

beslissing
RECHTBANK GRONINGEN
MEERVOUDIGE KAMER
Zaaknummer: 126184 / HA RK 11-146
Datum beslissing: 27 april 2011
Beslissing op het schriftelijke verzoek van [naam], wonende aan de [adres], [woonplaats] (hierna: verzoeker) tot wraking ingevolge artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) van mr. T.F. Bruinenberg.
1. Procesverloop
Bij brief van 20 april 2011 heeft verzoeker wederom een verzoek ingediend tot wraking van mr. T.F. Bruinenberg, rechter in de bestuurssector van deze rechtbank, in het geschil met zaaknummer AWB 10/498 WWB G, waarbij verzoeker als partij is betrokken.
2. De beoordeling
Bij beslissing van 20 april 2011 heeft de rechtbank in de procedure 126065 HA RK 11-131 beslist dat een volgend wrakingsverzoek - bedoeld is uiteraard een verzoek, gebaseerd op dezelfde gronden - niet meer in behandeling zal worden genomen omdat dit als "misbruik van recht" zal moeten worden aangemerkt.
De rechtbank constateert dat het huidige wrakingsverzoek van verzoeker geen andere dan de in het vorige verzoek door verzoeker vermelde gronden bevat.
Hieruit volgt dat verzoeker misbruik van recht maakt door indiening van het onderhavige verzoek en daarin dan ook niet kan worden ontvangen. Een mondelinge behandeling van het verzoek kan daarom achterwege blijven.
3. Beslissing
De rechtbank:
3.1. verklaart verzoeker niet ontvankelijk in zijn verzoek,
3.2 bepaalt dat de procedure in de hoofdzaak (met zaaknummer AWB 10/498 WWB G) wordt voortgezet in de stand waarin zij zich bevond ten tijde van het indienen van het schriftelijke verzoek tot wraking,
3.3. beveelt de onmiddellijke mededeling van deze beslissing aan verzoeker en aan
mr. T.F. Bruinenberg,
Aldus gegeven door mrs. R.B.M. Keurentjes, voorzitter, L.H.A.M. Voncken en M.W. de Jonge, rechters, in tegenwoordigheid van K. Bootsman als griffier en in het openbaar uitgesproken op 27 april 2011.
kb