ECLI:NL:RBGRO:2011:BQ8432
Rechtbank Groningen
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Beslissing op hernieuwd wrakingsverzoek tegen wrakingskamer na eindbeslissing
Verzoeker diende op 3 maart 2011 een wrakingsverzoek in tegen mr. T.F. Bruinenberg, rechter in de bestuurssector van de rechtbank Groningen. Dit verzoek werd behandeld door een eerste wrakingskamer. Vervolgens vroeg verzoeker op 2 april 2011 wraking aan van een lid van deze wrakingskamer, mr. Voncken, waarna een tweede wrakingskamer werd gevormd. Deze tweede wrakingskamer wees het wrakingsverzoek op 12 april 2011 af.
Op 13 april 2011 diende verzoeker een hernieuwd wrakingsverzoek in, dat feitelijk gericht was tegen de tweede wrakingskamer en niet tegen mr. Bruinenberg. Omdat de tweede wrakingskamer op 12 april 2011 al een eindbeslissing had genomen, was de behandeling van de zaak door deze kamer beëindigd.
De rechtbank oordeelde dat wraking slechts kan worden verzocht zolang de zaak nog in behandeling is bij de betreffende rechter of kamer. Het hernieuwde verzoek was ingediend na de eindbeslissing en was daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Op grond van artikel 4.3 van het wrakingsprotocol van de rechtbank Groningen werd het verzoek buiten behandeling gesteld.
De beslissing werd uitgesproken door de eerste wrakingskamer op 19 april 2011.
Uitkomst: Het hernieuwde wrakingsverzoek is buiten behandeling gesteld wegens niet-ontvankelijkheid.