ECLI:NL:RBGRO:2011:BQ9100
Rechtbank Groningen
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Geen overtreding bestemmingsplan door ondergeschikte detailhandel in apotheek
Verzoeksters vorderden handhavend optreden tegen een apotheek die handproducten verkocht, stellende dat dit in strijd was met het bestemmingsplan waarin detailhandel niet was toegestaan op die locatie. Verweerder wees het verzoek af, stellende dat de detailhandelsactiviteiten ondergeschikt zijn aan de apotheekfunctie en binnen het begrip maatschappelijke voorzieningen vallen.
De voorzieningenrechter stelde vast dat het bestemmingsplan geen definitie geeft van 'maatschappelijke voorzieningen', waardoor aansluiting gezocht moest worden bij het normale spraakgebruik en de standaardisering in nieuwe bestemmingsplannen. De verkoop van handproducten binnen de apotheek was beperkt in omzet en oppervlakte en had een nauwe relatie met de apotheekfunctie.
De rechtbank concludeerde dat de detailhandelsactiviteiten van ondergeschikte aard zijn en geen zelfstandige betekenis hebben in planologisch opzicht. Daarom was er geen sprake van een overtreding van het bestemmingsplan en was handhavend optreden niet gerechtvaardigd. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om niet handhavend op te treden tegen de detailhandel in de apotheek wordt ongegrond verklaard.