ECLI:NL:RBGRO:2011:BQ9126
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.A. Flinterman
- M.J.B. Holsink
- S. Stenfert Kroese
- Rechtspraak.nl
Ontkenning vaderschap van man wegens biologische vaderschap broer
De vrouw heeft een verzoek ingediend tot ontkenning van het vaderschap van de man van haar minderjarige kind A., geboren op 22 november 2010. Partijen waren gehuwd, maar leven sinds 1 januari 2010 feitelijk gescheiden. De man is niet verschenen en heeft geen contact met het kind. Uit onderzoek blijkt dat niet de man, maar diens broer de biologische vader is van het kind.
De broer van de man is onherroepelijk veroordeeld voor een zedenmisdrijf en de vrouw mag geen contact met hem onderhouden. Bureau Jeugdzorg heeft toegestaan dat de vrouw de dagelijkse verzorging van het kind op zich neemt onder deze voorwaarde. Het belang van het kind vereist dat het juridische vaderschap overeenkomt met de feitelijke situatie.
De rechtbank oordeelt dat het verzoek ontvankelijk is, aangezien het binnen een jaar na de geboorte is ingediend. Er zijn geen feiten die tegen toewijzing spreken. De ontkenning van het vaderschap van de man wordt daarom gegrond verklaard en de proceskosten worden ieder voor eigen rekening gelaten. Het kind behoudt de huidige geslachtsnaam.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de ontkenning van het vaderschap van de man gegrond en compenseert de proceskosten.